'Wij kunnen niet concluderen dat de Nederlandse bevolking veel strenger dan rechters zou willen straffen: sommige burgers lijken dat wel te willen, andere burgers niet.'
Dit is de slotconclusie van het onderzoeksrapport De burger als rechter. Een onderzoek naar geprefereerde sancties voor misdrijven in Nederland, dat op 31 oktober 2011 door de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie aan de Tweede Kamer is gezonden. Het onderzoek is – in opdracht van het Wetenschappelijk Onderzoeks- en Documentatiecentrum – uitgevoerd door het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving en de Radboud Universiteit Nijmegen in samenwerking met het CBS.
Voor het onderzoek zijn ruim 1066 Nederlandse burgers ondervraagd over de vraag aan welke straffen zij de voorkeur geven voor diverse delicten. Ook is een vergelijking gemaakt met feitelijk opgelegde straffen.
Geen consensus over straffen
Belangrijke algemene conclusie van het onderzoek is dat er onder het publiek geen brede consensus bestaat over de geprefereerde strafzwaarte en –modaliteit. Respondenten geven wel aan dat zij bij (met name specifieke) recidive een hogere straf passender vinden dan bij een first offender. Ook geweld tegen ambulancepersoneel en politieambtenaren zou volgens het overgrote deel van de respondenten strenger bestraft moet worden dan geweld tegen andere slachtoffers.
Werkstraf populair
Verder blijkt uit het onderzoek dat er onder het publiek brede steun is voor de werkstraf, ook bij de zwaardere delicten. Deze steun neemt nog verder toe wanneer burgers worden geïnformeerd over de relatieve doeltreffendheid van de werkstraf: minder recidive na werkstraf dan na gevangenisstraf. De steun voor werkstraffen neemt af naarmate het betreffende misdrijf zwaarder wordt. Ook in het geval van aanranding krijgt het opleggen van een werkstraf, veelal ook zonder dat men daarbij óók een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zou willen opleggen, relatief veel steun. Deze opvatting is niet in lijn met het wetsvoorstel dat op dit moment in de Eerste Kamer voorligt en waarin voor onder andere dit delict alleen nog maar een werkstraf kan worden opgelegd als die wordt gecombineerd met een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. De onderzoekers geven in het rapport aan dat het er op lijkt dat 'een aanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking voor het aanrandingsscenario geen behoefte heeft aan deze wetswijziging.'
De burger en de rechter
Globaal zijn burgers in twee groepen onder te verdelen: een grote groep die niet veel verschilt van rechters als het gaat om de zwaarte van een straf en een andere, eveneens grote groep burgers die veel strenger wil straffen dan de rechter. De onderzoekers kunnen dan ook niet concluderen dat de Nederlandse bevolking als geheel veel strenger zou willen straffen dan de rechter.
De Raad voor de rechtspraak constateert enerzijds dat de bevindingen van het onderzoek goed aansluiten bij de huidige rechtspraktijk en anderzijds dat op basis van het onderzoek geen conclusies kunnen worden getrokken over het draagvlak bij de bevolking voor recente beleids- en wetsvoorstellen van het kabinet.
Onderzoek naar geprefereerde sancties naar misdrijven in Nederland
Persbericht onderzoekers