Om benoemd te kunnen worden als rechterlijk ambtenaar, bedoeld in artikel 1, onderdeel b, onder 1° tot en met 4°, van de Wet op de rechterlijke organisatie, dient het afsluitend examen, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet rechtspositie rechterlijk ambtenaren, te voldoen aan de eisen van het tweede en derde lid.
Het afsluitend examen is zodanig samengesteld dat ten minste grondige kennis van en inzicht in drie van de vijf volgende rechtsgebieden is verkregen:
- burgerlijk recht, met inbegrip van burgerlijk procesrecht;
- strafrecht, met inbegrip van strafprocesrecht;
- bestuursrecht, met inbegrip van bestuursprocesrecht;
- staatsrecht;
- belastingrecht.
Tot de drie rechtsgebieden, bedoeld in het tweede lid, behoren in ieder geval twee van de rechtsgebieden, genoemd in de onderdelen 1 tot en met 3.
De eisen, bedoeld in het tweede en derde lid, zijn niet van toepassing op degene die ten minste zes jaar voor de beoogde datum van benoeming het afsluitend examen heeft afgelegd en die tot aan die beoogde datum een ruime praktijkervaring heeft opgedaan in een van de in het tweede lid genoemde rechtsgebieden.
U bezit de Nederlandse nationaliteit.
Voor de functie van rechter moet u beschikken over ten minste 6 jaren relevante juridische werkervaring, na het afstuderen als jurist in (een) functie(s) waarvoor het zijn van jurist een kwalificatie is.
Daarnaast beschikt u over ruime maatschappelijke ervaring na het behalen van het examen in bovenbedoelde zin.
Intellectuele eisen en persoonlijke kwaliteiten
U beschikt over (hoge) capaciteiten op intellectueel en contactueel gebied. Ook worden eisen gesteld aan uw uitdrukkingsvaardigheid en werkhouding en wordt u beoordeeld op een aantal andere persoonlijke kwaliteiten.
De in intellectueel opzicht gestelde eisen hebben betrekking op uw analytisch vermogen en uw vermogen te komen tot een eigen zelfstandig, onafhankelijk oordeel.
Andere persoonlijke kwaliteiten waarop u onder meer wordt beoordeeld zijn: besluitvaardigheid, evenwichtigheid, zelfstandigheid, het vermogen tot samenwerken, overtuigingskracht, inlevingsvermogen, sociabiliteit, integriteit en stressbestendigheid.