Alleen studiefinanciering buiten Nederland als opleiding in het desbetreffende buitenland behoort tot hoger onderwijs

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksCentrale Raad van Beroep > Nieuws > Alleen studiefinanciering buiten Nederland als opleiding in het desbetreffende buitenland behoort tot hoger onderwijs
Utrecht, 06 augustus 2015

De Centrale Raad van Beroep oordeelt in de uitspraak van 22 juli 2015 dat artikel 2.14 van de Wsf 2000 zo moet worden uitgelegd dat slechts een aanspraak op studiefinanciering voor opleidingen buiten Nederland kan bestaan voor die opleidingen die in het desbetreffende buitenland behoren tot het hoger onderwijs. Dit betekent dat eerst, en alleen dan, wanneer de buitenlandse opleiding waarvoor studiefinanciering wordt aangevraagd onderdeel uitmaakt van het hoger onderwijs in dat land, aan de hand van de door de Nuffic opgestelde Algemene waarderingscriteria zal worden beoordeeld of de buitenlandse opleiding voldoet aan de criteria, gesteld in artikel 2.14, tweede lid, onder a, van de Wsf 2000. Hiertoe wordt het volgende redengevend geacht.

Op de eerste plaats spreekt de aanhef van artikel 2.14 van de Wsf 2000 van buitenlandse opleidingen hoger onderwijs. Voorts vindt deze uitleg steun in de geschiedenis van de totstandkoming van de Wet van 24 mei 2007 tot wijziging van onder meer de Wsf 2000 in verband met uitbreiding van de mogelijkheid met studiefinanciering in het buitenland te studeren en invoering van het collegegeldkrediet (Stb. 2007, 200). Zie Kamerstukken II 2006/07, 30 933, nr. 3, blz. 7: “Samenvattend zal Nuffic van elke opleiding in het buitenland waarvoor een student studiefinanciering aanvraagt, nagaan of de opleiding van voldoende kwaliteit is en wordt afgesloten met een diploma dat ten minste het niveau heeft van een Nederlands hoger onderwijsdiploma. Onder opleiding wordt hier overigens verstaan een hoger onderwijsopleiding vergelijkbaar met een Nederlandse bachelor- of masteropleiding of een geheel daarvan (…). Na invoering van Associate Degreeopleidingen in Nederland kan ook voor dergelijke opleidingen in het buitenland studiefinanciering worden gebruikt”. Zie verder Kamerstukken II 2006/07, 30 933, nr. 3, blz. 10: “Indien sprake is van hoger onderwijs dat van voldoende kwaliteit is, kan dan een toekenning van (...) studiefinanciering plaatsvinden”, en Kamerstukken II, 2006/07, 30 933, nr. 8, blz. 2: “De regering is van mening dat studenten hun studiefinanciering moeten kunnen gebruiken voor het volgen van hoger onderwijs dat van voldoende niveau en kwaliteit is.”

Gelet op de door de Enic Naric Austria en de Nuffic verstrekte informatie, in het bijzonder de onder 2.1 vermelde email van de Nuffic van 7 februari 2013, staat genoegzaam vast dat de door appellant gevolgde opleiding aan het Kolleg für Tourismus niet behoort tot het hoger onderwijs in Oostenrijk. In het licht van wat onder 4.2 is overwogen betekent dit dat het oordeel van de rechtbank wordt gevolgd en dat de minister dus terecht en op goede gronden de aanvraag om studiefinanciering van appellant op grond van artikel 2.14 van de Wsf 2000 heeft afgewezen.
 
De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het sociale bestuursrecht, het ambtenarenrecht en delen van het pensioenrecht.
 
Dit is een nieuwsbericht op basis van de genoemde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Bij verschil tussen dit nieuwsbericht en de volledige uitspraak is laatstgenoemde beslissend.

Uitspraken

Meest gelezen berichten