Boetes Zorgverzekeringswet ten onrechte opgelegd

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksCentrale Raad van Beroep > Nieuws > Boetes Zorgverzekeringswet ten onrechte opgelegd
Utrecht, 25 februari 2016

De Centrale Raad van Beroep oordeelt in zijn uitspraak van 10 februari 2016 dat in de voorliggende zaak het opleggen van een boete wegens het niet afsluiten van een zorgverzekering als bedoeld in de Zorgverzekeringswet (Zvw) niet in overeenstemming is met een redelijke uitleg van de artikelen 9a, 9b en 9c van de Zvw. De boetes waren opgelegd aan een vreemdeling die een verblijfsvergunning heeft, in een opvanglocatie van het COA verblijft en een financiële toelage ontvangt op grond van de Regeling verstrekkingen asielzoekers en andere categorieën vreemdelingen (Rva 2005). De Rva 2005 voorziet ook in de dekking van de kosten van medische verstrekkingen overeenkomstig een daartoe te treffen ziektekostenregeling.

 

Uit artikel 24 van de Zvw vloeit voort dat de rechten en plichten uit de zorgverzekering van rechtswege worden opgeschort gedurende de periode waarin de Minister van Veiligheid en Justitie in het kader van de tenuitvoerlegging van een rechterlijke uitspraak verantwoordelijk is voor de verstrekking van geneeskundige zorg. Noch de Zvw, noch de Wet opsporing en verzekering onverzekerden zorgverzekering voorziet in de situatie dat een vreemdeling aan wie een verblijfsvergunning als bedoeld in de Vreemdelingenwet 2000 is verleend, verblijf blijft houden en voorzieningen blijft ontvangen op grond van de Rva 2005 en de Regeling Zorg Asielzoekers (RZA). Anders dan voor gedetineerden in artikel 24 van de Zvw is voor deze categorie van vreemdelingen geen vergelijkbare uitzondering voorzien in de Zvw of de Wet opsporing en verzekering onverzekerden zorgverzekering. Uit de wetsgeschiedenis blijkt niet dat de wetgever met deze wetten het oog heeft gehad op deze categorie vreemdelingen. Onder deze omstandigheden kan niet worden volgehouden dat het opleggen van een boete wegens het niet afsluiten van een zorgverzekering als bedoeld in de Zvw in overeenstemming is met een redelijke uitleg van de artikelen 9a, 9b en 9c van de Zvw.

De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het sociale bestuursrecht, het ambtenarenrecht en delen van het pensioenrecht.

Dit is een nieuwsbericht op basis van de genoemde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Bij verschil tussen dit nieuwsbericht en de volledige uitspraak is laatstgenoemde beslissend.

Uitspraken

Meest gelezen berichten