Loonsanctie, bedrijfsarts niet tekortgeschoten in zijn beoordeling

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksCentrale Raad van Beroep > Nieuws > Loonsanctie, bedrijfsarts niet tekortgeschoten in zijn beoordeling
Utrecht, 31 maart 2015

De Centrale Raad van Beroep oordeelt in zijn uitspraak van 25 maart 2015 dat appellante geen re-integratiekansen heeft gemist door af te gaan op het medisch advies van haar bedrijfsarts.

Appellante zou ten onrechte zijn afgegaan op het advies van haar bedrijfsarts om niet op basis van de op 26 augustus 2009 gemeten bloeddruk mogelijkheden tot werkhervatting aan te nemen, maar met de re-integratie van werknemer te wachten totdat enkele weken later van stabilisatie van de lagere bloeddruk zou zijn gebleken, als zou komen vast te staan dat sprake is geweest van een advies zonder voldoende medische grond. Gelet op het belastende karakter van een loonsanctiebesluit is het aan het UWV om aannemelijk te maken dat de bedrijfsarts in zijn medische beoordeling tekort is geschoten.
 
Een dergelijk tekortschieten is - anders dan de rechtbank heeft geoordeeld - niet aannemelijk geworden met de brief van Gerdes van 6 februari 2012. Met deze brief, waaruit blijkt dat Gerdes op 26 augustus 2009 bij werknemer een bloeddruk heeft gemeten die ongeveer gelijk was aan de door de bedrijfsarts op 28 augustus 2009 gemeten bloeddruk, staat niet meer vast dan dat die bloeddruk op zich geen belemmering vormde voor het verrichten van passende arbeid. Daarmee staat nog niet vast dat de bedrijfsarts medisch niet juist heeft gehandeld door op die metingen - bezien tegen de achtergrond van een langdurige periode met extreem hoge bloeddrukken - voorzichtigheid te betrachten en te besluiten de meting kort nadien te herhalen. In de verzekeringsgeneeskundige rapporten, die het UWV ter onderbouwing van het betrokken standpunt heeft ingebracht, wordt hierop in het geheel niet ingegaan.
 
Het UWV heeft niets gesteld tegenover het uit de aantekeningen van de bedrijfsarts blijkende, en door Gerdes in zijn brief van 16 december 2009 onderschreven, feit dat slechts in een korte periode na terugkeer van vakantie van lagere bloeddrukken bij werknemer is gebleken. De bedrijfsarts heeft bij de controle die hij op 28 augustus 2009 met werknemer afsprak, en die op 16 september 2009 heeft plaatsgevonden, immers al weer een toename van de bloeddruk gemeten. Uit het rapport van de verzekeringsarts van 28 oktober 2009 blijkt dat ook ten tijde van zijn onderzoek van werknemer sprake was van een bloeddruk met waarden die volgens Gerdes in zijn brief van 16 december 2009 werken niet verantwoord doen zijn.
 
In de talrijke verzekeringsgeneeskundige rapporten die het UWV vanaf het bezwaar van appellante tot in hoger beroep als onderbouwing heeft gegeven, is naar het oordeel van de Raad nog steeds geen toereikende motivering te vinden van de opvatting dat appellante is afgegaan op een onjuist advies van haar bedrijfsarts en om die reden eind augustus 2009 re-integratiekansen heeft gemist.
 
De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het sociale bestuursrecht, het ambtenarenrecht en delen van het pensioenrecht.
 
Dit is een nieuwsbericht op basis van de genoemde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Bij verschil tussen dit nieuwsbericht en de volledige uitspraak is laatstgenoemde beslissend.

Uitspraken

Meest gelezen berichten