Strafontslag in verband met lekken vertrouwelijke politie-informatie

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksCentrale Raad van Beroep > Nieuws > Strafontslag in verband met lekken vertrouwelijke politie-informatie
Utrecht, 20 oktober 2015

De Centrale Raad van Beroep oordeelt in zijn uitspraak van 15 oktober 2015 dat appelant de schijn dat hij in ruil voor het geven van vertrouwelijke informatie mogelijk is beloond, niet weg heeft kunnen nemen.

Tussen partijen is niet in geschil dat appellant op 21 september 2011 kennis heeft genomen van de verdenking dat op het adres [Adres A] een hennepkwekerij was gevestigd. Evenmin is in geschil dat de politie op 21 oktober 2011 bij het binnentreden van de woning aan de [Adres A] de resten van een (opgeruimde) hennepkwekerij heeft aangetroffen. De Raad ziet voorts, met de rechtbank, aanleiding om uit te gaan van de vertalingen zoals die door de korpschef zijn gebruikt. In wat appellant uitvoerig heeft aangevoerd ziet de Raad geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van de vertalingen. Deze vertalingen zijn door beëdigde tolken tot stand gebracht. Bovendien vertonen deze vertalingen overeenkomsten met de eigen vertaling van appellant die hij bij zijn schriftelijke zienswijze over het ontslagvoornemen heeft gevoegd. Appellant maakt in zijn eigen vertaling namelijk melding van de naam van de bewoner van het adres [Adres A], en van de woorden ‘huis’ en ‘opruimen’.
 
Met de rechtbank oordeelt de Raad dat de korpschef de opstelling van appellant ten aanzien van de zogenaamde ruil van de Opel Corsa verwijtbaar heeft kunnen achten. De rechtbank wordt op dit punt gevolgd in zijn overwegingen. Appellant heeft verklaard dat hij zijn Volvo heeft ingeruild voor een Opel Corsa en ontkent dat sprake is van een gift. Appellant heeft echter, blijkens in de gedingstukken opgenomen vertrouwelijke communicatie, melding gemaakt van de omstandigheid dat iemand hem een auto heeft beloofd. Vervolgens heeft appellant hieromtrent wisselende verklaringen afgelegd. Daarmee heeft hij de schijn dat hij in ruil voor het geven van vertrouwelijke informatie mogelijk is beloond niet kunnen wegnemen.
 
De korpschef kan eveneens worden gevolgd in zijn conclusie dat appellant onvoldoende duidelijkheid heeft verschaft over de gang van zaken in restaurant [naam restaurant]. Appellant is op 22 oktober 2011 ingegaan op een uitnodiging van personen die betrokken waren bij de hennepkwekerij. De uitnodiging betrof een etentje in het genoemde restaurant, waarbij het eten voor hem is betaald. Appellant heeft daarmee ook in zoverre de schijn niet kunnen wegnemen dat hij in ruil voor het geven van vertrouwelijke informatie mogelijk is beloond. Dat hij, naar eigen zeggen, de drank heeft betaald, doet daar niet aan af. Hij had, zo kort na de gebeurtenissen op 21 oktober 2011, niet moeten ingaan op de uitnodiging voor het etentje.
 
Anders dan appellant heeft betoogd, kan de opgelegde straf van ontslag niet als onevenredig aan de aard en ernst van het vastgestelde plichtsverzuim worden aangemerkt. Aan een politieambtenaar mogen hoge integriteitseisen worden gesteld, in het bijzonder ten aanzien van het omgaan met vertrouwelijke informatie en ten aanzien van de personen met wie hij zich inlaat. Appellant heeft laten zien niet aan deze integriteitseisen te kunnen voldoen. Daarmee heeft hij het vertrouwen geschaad dat de korpsleiding in hem heeft gesteld. Dat appellant een lange staat van dienst heeft bij de politie doet aan deze conclusie niet af.
 
De Centrale Raad van Beroep is de hoogste rechter op het gebied van het sociale bestuursrecht, het ambtenarenrecht en delen van het pensioenrecht.
 
Dit is een nieuwsbericht op basis van de genoemde uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Bij verschil tussen dit nieuwsbericht en de volledige uitspraak is laatstgenoemde beslissend.

Uitspraken

Meest gelezen berichten