AFM moet vergunning verlenen aan Optieclub

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksCollege van Beroep voor het bedrijfsleven > Nieuws > AFM moet vergunning verlenen aan Optieclub
Den Haag, 24 maart 2015

De voorzieningenrechter van het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) wijst het verzoek om een voorlopige voorziening van de Autoriteit Financiële Markten (AFM) af en het verzoek om een voorlopige voorziening van Optieclub toe: de AFM moet binnen twee weken een nieuw besluit nemen. 

Binaire opties

Optieclub biedt via internet zogenoemde binaire opties aan. Bij aankoop van een binaire optie voorspelt de koper of de koers van bijvoorbeeld een AEX-aandeel na minimaal tien minuten en maximaal één uur hoger of lager zal zijn dan op het moment van de koop. Een binaire optie kost € 10,-. Indien de koersontwikkeling door de koper juist wordt voorspeld, betaalt Optieclub € 18,10 per optie uit aan de koper. Indien de koper de richting van de koers niet juist voorspelt, verliest hij zijn inleg. 

Wet op de kansspelen

De AFM wees de aanvraag van Optieclub voor een vergunning op grond van de Wet op het financieel toezicht (Wft) af. De AFM beschouwt het aanbieden van binaire opties met een korte looptijd als een kansspel. Omdat Optieclub niet over een kansspelvergunning beschikt en dus de Wet op de kansspelen overtreedt, schaadt zij volgens de AFM het vertrouwen in de financiële markten. Daarnaast beschouwt de AFM het aanbieden van binaire opties aan consumenten als een gedraging die indruist tegen hetgeen volgens het ongeschreven recht in het maatschappelijk verkeer betaamt, omdat dergelijke opties niet kostenefficiënt, nuttig, veilig en begrijpelijk zijn.

Voorlopige voorziening

De rechtbank Rotterdam gaf de AFM in haar uitspraak van 16 januari 2015 (ECLI:NL:RBROT:2015:174) de opdracht om binnen zes weken een besluit te nemen over de vergunningaanvraag van Optieclub. Volgens de AFM houdt die opdracht in dat zij de vergunning moet verlenen. De AFM acht dit ongewenst en heeft tegen die uitspraak hoger beroep ingesteld bij het CBb en tegelijk aan de voorzieningenrechter van het CBb gevraagd om de rechtbankuitspraak voorlopig te schorsen. Hiermee wil de AFM bereiken dat zij geen besluit over de vergunningaanvraag hoeft te geven totdat op het hoger beroep is beslist. Ook Optieclub vraagt om een verzoek om voorlopige voorziening, namelijk om de AFM te gelasten binnen drie dagen na de uitspraak van de voorzieningenrechter een besluit te nemen over haar vergunningaanvraag, op straffe van een dwangsom.  

Vergunning

De voorzieningenrechter wijst het verzoek van de AFM af en het verzoek van Optieclub toe: de AFM moet binnen twee weken een nieuw besluit nemen. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter berust de rechtbankuitspraak niet kennelijk op een misslag. Er is geen sprake van nieuwe feiten of omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot schorsing van de uitspraak. Ook een afweging van de belangen van partijen rechtvaardigt geen schorsing van de uitspraak. De AFM gedoogt Optieclub al lange tijd, er zijn ook andere ondernemingen die binaire opties in Nederland aanbieden en er is niet gebleken dat de AFM concrete stappen heeft gezet om de eenheid van de toezichtregimes in de EU te bevorderen. Optieclub heeft een dringend belang bij verlening van de vergunning, die zij al in 2012 heeft aangevraagd.
 
De volledige uitspraak is via onderstaande link te raadplegen. Bij verschil tussen dit persbericht en de volledige uitspraak is laatstgenoemde beslissend.
Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met:
Celeste de Wit, afdeling persvoorlichting tel. 070 381 3934 of 070 381 3910.

Uitspraken

Meest gelezen berichten