Gevangenisstraf vanwege mishandeling na herdenkingsbijeenkomst Theo Bos

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksGerechtshof Arnhem-Leeuwarden > Nieuws > Gevangenisstraf vanwege mishandeling na herdenkingsbijeenkomst Theo Bos
Arnhem, 27 januari 2015

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft vandaag uitspraak gedaan in de strafzaak tegen de man, die op 7 maart 2013 na de herdenkingsbijeenkomst voor Theo Bos, de voormalige voetballer en trainer van Vitesse, een politieman heeft verwond door hem meermalen in zijn gezicht te schoppen.

Bij de rechtbank

De rechtbank heeft verdachte op 26 juni 2013 voor poging tot zware mishandeling veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk. De rechtbank vond het letsel niet ernstig genoeg om het aan te kunnen merken als “zwaar” lichamelijk letsel als bedoeld in het Wetboek van Strafrecht. De officier van justitie is in hoger beroep gegaan van het vonnis, omdat zij van mening was er wel degelijk sprake was van zwaar lichamelijk letsel.

In hoger beroep

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte wegens zware mishandeling veroordeeld zal worden tot dezelfde straf als de rechtbank had opgelegd.

Het hof komt tot een ander oordeel dan de rechtbank. Het hof merkt het samenstel van letsels (twee afgebroken voortanden onder botniveau, een hersenschudding en een scheur in de lip) wel aan als zwaar lichamelijk letsel. Dit gelet op de medische ingrepen die nodig zijn geweest en de totale genezingstijd.

Het hof rekent het verdachte zwaar aan dat hij tijdens een herdenkingsbijeenkomst, die toch een waardig verloop zou moeten hebben, onder invloed van alcohol iemand zonder enige noemenswaardige aanleiding zo zwaar heeft mishandeld. Het hof heeft bij de straftoemeting in het voordeel van verdachte meegewogen dat hij na het bewezenverklaarde feit niet meer met politie en justitie in aanraking is gekomen en zijn leven ook qua werk inmiddels beter vorm heeft gegeven. Daarnaast blijkt uit het Voortgangsverslag van de Reclassering dat verdachte goed meewerkt aan zijn bijzondere voorwaarden en dat de Reclassering voornemens is het verplichte reclasseringscontact en het toezien op de bijzondere voorwaarden te continueren. Verder heeft het hof rekening gehouden met het tijdsverloop in deze zaak. Sedert het moment dat de zaak voor de eerste maal op de rol heeft gestaan bij het hof (17 december 2013) is er een aanzienlijke periode verstreken alvorens de zaak tot een afrondende inhoudelijke behandeling is gekomen. Verdachte heeft het onvoorwaardelijke gedeelte van de gevangenisstraf al uitgezeten. Het hof is, evenals de advocaat-generaal, van oordeel dat oplegging van een aanvullende onvoorwaardelijke gevangenisstraf niet op zijn plaats is.

Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 maanden, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar. Hieraan zijn bijzondere voorwaarden verbonden, waarop de Reclassering toezicht moet houden.

De namens de politieman ingediende vordering tot schadevergoeding wordt toegewezen voor het gedeelte dat in het kader van de strafzaak is te overzien.

Meest gelezen berichten