Opnieuw veroordelingen voor illegale dierenhandel

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksGerechtshof Arnhem-Leeuwarden > Nieuws > Opnieuw veroordelingen voor illegale dierenhandel
Arnhem, 18 januari 2017

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, heeft in hoger beroep drie verdachten veroordeeld wegens illegale handel in vooral uitheemse diersoorten en deelneming aan een criminele organisatie.
Aan de verdachte die hierbij een hoofdrol heeft gehad, is een gevangenisstraf  van 15 maanden waarvan 5 maanden voorwaardelijk opgelegd met een proeftijd van 2 jaar. Daarnaast heeft het hof deze verdachte een voorwaardelijke ontzetting uit het beroep dierenhandelaar opgelegd.
De tweede verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 8 maanden waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar.
De derde verdachte kreeg een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand met een proeftijd van 2 jaar en een taakstraf van 180 uur.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank legde eerder bij verdachte een en drie dezelfde straf op als het hof, maar met een proeftijd van 3 jaar in plaats van 2 jaar. Verdachte twee werd veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 240 dagen waarvan 129 voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar.

De eis

De AG heeft bij alle drie de verdachten dezelfde eis neergelegd als de OvJ dat bij de rechtbank deed.
Bij de eerste verdachte een gevangenisstraf van 24 maanden waarvan 8 maanden voorwaardelijk en een voorwaardelijke ontzetting uit het beroep van dierenhandelaar voor de duur van 1 jaar. Bij de tweede verdachte een gevangenisstraf van 15 maanden waarvan 5 maanden voorwaardelijk en bij de derde verdachte een gevangenisstraf van 1 maand voorwaardelijk en een taakstraf voor de duur van 240 uur.

Grote schaal

Naar het oordeel van het hof heeft de hoofdverdachte zich op verschillende manieren op vrij grote schaal schuldig gemaakt aan - kort gezegd - illegale handel in vooral uitheemse diersoorten, in het bijzonder katachtigen en vogels.

Verdachte heeft meegedaan met de verkoop en levering van een aantal amoerpanters, ringstaartmaki’s, en tigons/lijgers aan een persoon of meer personen in de Verenigde Arabische Emiraten. Verdachte heeft niet alleen het transport van voornoemde dieren naar Dubai geregeld, maar hij heeft deze dieren vervolgens ook met de hulp van een medeverdachte- die in Dubai woonachtig was - in de Verenigde Arabische Emiraten verkocht. Uit de verschillende tapgesprekken tussen verdachte en de medeverdachte blijkt dat zij spraken over het vinden van klanten voor deze dieren en het bijbehorende verkoopbedrag.
Voorts heeft de hoofdverdachte twee caracals binnen Europa onder zich gehad en ten verkoop aangeboden.

Deze verdachte heeft verder grote aantallen vogels die grotendeels in het wild waren gevangen via Turkije en Bulgarije ingevoerd. Hij kocht de partijen van een handelaar in Turkije. Vervolgens werden deze vogels in opdracht van verdachte via Bulgarije binnen de Europese Unie gebracht, waarna de vogels naar verdachte werden vervoerd. Hierbij werd uitgebreid gefraudeerd met papieren. Zo gaven de bij de transporten gevoegde documenten niet de werkelijke herkomst van de vogels weer om op die manier - zo begrijpt het hof - te verdoezelen dat de vogels uit het wild afkomstig waren.

Er is ook gehandeld in vogels die bestemd waren voor dierentuinen. Nadat de zending was aangekomen op Schiphol werden de tot deze zending behorende vogels via Nederland naar Sofia Zoo in Bulgarije vervoerd. Daarna werden deze vogels vanaf deze Bulgaarse dierentuin over de weg naar verdachte in Nederland vervoerd. Door op voornoemde wijze misbruik te maken van de zogenoemde “dierentuinvrijstelling”, kon verdachte deze vogels vervolgens in Nederland verkopen.

Misbruik van vrijstellingsregeling

Verder is misbruik gemaakt van een vrijstellingsregeling voor vogels die bedoeld is voor - kort gezegd - huisdieren bij verhuizing van hun eigenaar. Dit vond plaats door telkens verschillende vogels per vliegtuig te (laten) verzenden waarbij per (in elk geval) vijf vogels een begeleider aanwezig was. Deze begeleider, die nooit de eigenaar was van de vogels, werd daarvoor betaald door verdachte dan wel door de medeverdachte. Na aankomst in Nederland werden deze vogels - onder meer - door verdachte verkocht. Van transport van een eigenaar met zijn of haar huisdier(en), waarvoor deze vrijstellingsregeling is bedoeld, was absoluut geen sprake.

Klaarblijkelijk om de illegale praktijken aan het zicht te onttrekken, ontbreken delen van de administratie en zijn documenten vervalst. Het hof acht aannemelijk dat de illegale handel gericht was op het behalen van aanzienlijke winsten.

Criminele organisatie

Verdachte heeft zich voorts schuldig gemaakt aan deelneming aan een criminele organisatie, die zich schuldig maakte aan (onder meer) voornoemde misdrijven. De hoofdverdachte, die net als de medeverdachte dierenhandelaar is, fungeerde als spin in het web binnen deze organisatie. Hij heeft de beschikking over een uitgebreid netwerk voor de wereldwijde handel in dieren waarop hij telkens een beroep deed.

Naast het voorgaande heeft verdachte in enkele gevallen dieren niet goed verzorgd.

Ernstige feiten

Het hof acht in het bijzonder op grond van de feiten die betrekking hebben op de handel in uitheemse diersoorten de oplegging van een gevangenisstraf met een aanzienlijk onvoorwaardelijk deel onontkoombaar en een - zij het voorwaardelijke - (bijkomende) straf van ontzetting uit het beroep van dierenhandelaar. Mede vanuit het oogpunt van generale preventie acht het hof de oplegging van een (deels) onvoorwaardelijke gevangenisstraf in de gegeven omstandigheden aangewezen. De bescherming van die diersoorten tegen illegale handel is mondiaal van groot belang. Bovendien brengen de onrechtmatige manieren waarop die handel in de onderhavige zaak (mede door verdachte) heeft plaatsgevonden, gezondheidsrisico’s mee. Verdachte heeft zich niet bekommerd om deze risico’s. De schaal waarop één en ander heeft plaatsgevonden is - met name wat betreft vogels - groot. De wijze waarop de hoofdverdachte en de medeverdachten te werk zijn gegaan, is te kwalificeren als geraffineerd, professioneel, goed georganiseerd en doortrapt. Verdachte heeft hierbij een hoofdrol gehad. De handel was erop gericht zo veel mogelijk winst te behalen. Om het welzijn van de dieren heeft verdachte zich niet bekreund. Dat blijkt ook duidelijk uit een aantal zich in het dossier bevindende tapgesprekken. Het hof houdt ten nadele van verdachte rekening met de omstandigheid dat hij geen blijk heeft gegeven van enig inzicht in het laakbare van zijn handelen.
Zoals de rechtbank heeft overwogen: “Het lijkt verdachte niet te interesseren of hij handelt in vogels die in het wild gevangen zijn. Als verdachte kan doen voorkomen dat de vogels niet in het wild gevangen zijn, vindt hij dit voor zijn handel voldoende”.

Ten nadele van de hoofdverdachte neemt het hof voorts in aanmerking het feit dat hij blijkens zijn strafblad eerder onherroepelijk is veroordeeld voor delicten als deze, zij het op aanzienlijk minder grote schaal.

Geen strafvermindering

Met de rechtbank ziet het hof geen reden tot strafvermindering op grond van schending van het recht op berechting binnen een redelijke termijn. Op grond van de ingewikkeldheid van de zaak, waaronder de omvang van de zaak en de complexiteit van het opsporingsonderzoek en de uitvoerigheid van de behandeling van de zaak in eerste aanleg, is de ruime periode die de berechting bij de rechtbank en bij het hof heeft gevergd, gerechtvaardigd. Daarbij is nog van belang dat er in eerste aanleg en in hoger beroep op verzoek van de verdediging nog verschillende getuigen zijn gehoord.

Uitspraken

Meest gelezen berichten