Laden...

Hoge Raad geeft duidelijkheid over geldigheid 'corona-betekening' door deurwaarders

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksHoge Raad der Nederlanden > Nieuws > Hoge Raad geeft duidelijkheid over geldigheid 'corona-betekening' door deurwaarders
Den Haag, 19 juni 2020

De Hoge Raad heeft vandaag antwoord gegeven op de vraag of de wijze waarop deurwaarders sinds de uitbraak van het COVID-19-virus dagvaardingen en andere exploten betekenen (ook wel ‘corona-betekening’ genoemd) rechtsgeldig is. Voor de betekening van exploten geldt volgens de wet als hoofdregel dat het exploot wordt overhandigd aan de persoon voor wie het bestemd is, of een huisgenoot of andere persoon die zich aan het woonadres bevindt. Pas als dat ‘feitelijk onmogelijk’ blijkt, mag de deurwaarder een afschrift van het exploot in een gesloten envelop aan het woonadres van de geadresseerde achterlaten.

Na de uitbraak van het COVID-19-virus heeft de beroepsorganisatie van deurwaarders (de KBvG) een richtlijn uitgevaardigd waarin staat dat als een deurwaarder, gelet op het risico van besmetting, betekening van een exploot volgens de hoofdregel niet verantwoord acht, hij direct een afschrift van het exploot in een gesloten envelop aan het woonadres van de geadresseerde mag achterlaten, dus zonder eerst te hoeven aanbellen.

De Hoge Raad heeft beslist dat deze wijze van betekening rechtsgeldig is, ook voor de afgelopen periode, die begint op 16 maart 2020. Deze beslissing is gebaseerd op de Verzamelspoedwet COVID-19, die inmiddels door het parlement is aangenomen. In artikel 1 van die wet is bepaald dat betekening volgens de hoofdregel, dus door overhandiging van het exploot aan een persoon, geldt als ‘feitelijk onmogelijk’ zolang de richtlijnen van het RIVM voorschrijven dat personen afstand houden wegens besmettingsgevaar met COVID-19. Daarbij is onder ogen gezien dat een deurwaarder, anders dan een pakketbezorger, niet kan volstaan met het op de stoep achterlaten van zijn exploot. Hij moet bij de uitreiking ook een instructie geven over de aard van het exploot en de mogelijkheden van degene voor wie het bestemd is, om hierover contact op te nemen. Burgers zien een deurwaarder naar de aard van zijn werk minder graag verschijnen dan de pakketbezorger, zodat het risico aanwezig is dat de deurwaarder te maken krijgt met agressief gedrag.

Het is aan de deurwaarder om in een concrete situatie in te schatten of betekening door overhandiging aan een persoon, gelet op de richtlijnen van het RIVM, verantwoord is. De wettelijke regeling geldt met terugwerkende kracht vanaf 16 maart 2020 en blijft in beginsel tot 1 september 2020 van kracht. De regeling geldt ook voor betekening van exploten aan een kantooradres.

Uitspraken