Nieuw rapport PG bij de Hoge Raad: "Gedeelde informatie"

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksHoge Raad der Nederlanden > Nieuws > Nieuw rapport PG bij de Hoge Raad: "Gedeelde informatie"
Den Haag, 06 november 2017

Het Openbaar Ministerie (OM) heeft bij het verstrekken van strafrechtelijke gegevens aan de rechter bij een dwangopname in een psychiatrisch ziekenhuis de regelgeving op het gebied van de bescherming van persoonsgegevens niet naar behoren nageleefd. Het OM heeft daarbij wel beoogd zwaarwegende belangen te dienen. Dat staat in het onderzoeksrapport ‘Gedeelde informatie (pdf, 602,4 KB)’ van de procureur-generaal bij de Hoge Raad.

De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft op grond van art. 122 Wet RO een toezichthoudende bevoegdheid met betrekking tot het OM. Hij kan, zo bepaalt dat artikel, de minister in kennis stellen van het feit dat het OM naar zijn oordeel de wettelijke voorschriften niet naar behoren handhaaft of uitvoert. In dit kader verschenen meerdere rapporten. ‘Gedeelde informatie’ is het vierde rapport over het functioneren van het OM en is vandaag aan de minister aangeboden.

De aanleiding voor het rapport voert terug naar de strafzaak tegen Bart van U., die inmiddels onherroepelijk is veroordeeld voor de levensberoving van voormalig minister Els Borst en zijn zus Loïs. Bart van U. had psychische problemen en het gevaar dat daarmee gepaard ging was kennelijk door de betrokken instanties niet goed onder ogen gezien. De Commissie Hoekstra heeft hiernaar een onderzoek ingesteld. Een van de aanbevelingen van de Commissie Hoekstra was dat het OM de rechter, die moet oordelen over een dwangopname in een psychiatrisch ziekenhuis, voorziet van relevante strafrechtelijke informatie.

Sinds 2016 is het OM begonnen met het structureel toevoegen van strafrechtelijke gegevens bij verzoeken tot een dwangopname in een psychiatrisch ziekenhuis. Het gaat daarbij om strafvorderlijke gegevens, politiegegevens, gegevens die worden uitgewisseld in Veiligheidshuizen en gegevens uit de sociale omgeving van de betrokkene. Doel hiervan is dat de rechter zich met behulp van deze informatie een beter en completer beeld kan vormen van het gevaar dat van de betrokken persoon voor de samenleving uitgaat en dus beter kan beoordelen of een dwangopname in een psychiatrisch ziekenhuis noodzakelijk is.

De procureur-generaal bij de Hoge Raad heeft gekeken of er vanuit het oogpunt van bescherming van persoonsgegevens een wettelijke grondslag bestaat voor het toevoegen van voormelde gegevens aan dossiers in het kader van een dwangopname. Het gaat namelijk om het gebruik van bijzonder privacygevoelige informatie die voornamelijk is verzameld voor een strafrechtelijk doel, zonder dat de betrokkenen, waaronder bijvoorbeeld familie van de op te nemen persoon, daarvoor toestemming heeft gegeven. De procureur-generaal heeft van alle soorten gegevens onderzocht of voor de verstrekking ervan een wettelijke grondslag aanwezig is.

Volgens de procureur-generaal staat het belang en de noodzaak voor verstrekking van de gegevens aan de rechter die beslist over een dwangopname buiten kijf. Het OM heeft met grote inzet en voortvarendheid gewerkt aan een (uniforme) werkwijze voor de verstrekking van strafrechtelijke gegevens in de procedure voor gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis. Daarbij is ook aandacht geweest voor de bescherming van de privacy van betrokkenen. Zo worden bijvoorbeeld politiegegevens zoveel mogelijk geanonimiseerd. Dit laat echter onverlet dat de gegevensverstrekking rechtmatig moet zijn. De Grondwet vereist daarvoor een wettelijke regeling.

De belangrijkste conclusie uit het onderzoek is, dat het OM bij het verstrekken van een deel van de gegevens de regelgeving op het gebied van de bescherming van persoonsgegevens niet naar behoren heeft nageleefd. Het OM is begonnen met het voegen van de strafrechtelijke gegevens zonder voldoende duidelijk vast te stellen of daarvoor op grond van de wet een bevoegdheid was en welke voorwaarden daarbij in acht dienden te worden genomen. Dit beoordeelt de procureur-generaal als onzorgvuldig. Daarnaast ontbreekt voor een aantal soorten gegevens, namelijk de verstrekte informatie vanuit de Veiligheidshuizen en politiegegevens, een wettelijke grondslag of zijn de voorwaarden die de wet stelt, niet nageleefd.

Het doel van de regelgeving op het gebied van de bescherming persoonsgegevens, waar ook het OM aan gebonden is, dreigt door dit handelen van het OM te worden ondergraven, zo stelt de procureur-generaal. Van het OM mag worden verwacht dat het zorgvuldig onderzoek doet naar de wettelijke grondslag van gegevensverstrekking en vervolgens daarnaar handelt. Hierin is het OM tekortgeschoten. Dat met het verstrekken van de gegevens een zwaarwegend belang werd gediend, is voor deze handelwijze geen rechtvaardiging.

De procureur-generaal tekent wel aan dat de huidige wetgeving niet goed is toegesneden op de vervulling van de taken van het OM op het gebied van de gedwongen opnamen in psychiatrische ziekenhuizen. Eén van de aanbevelingen die de procureur-generaal doet is, vooruitlopend op de inwerkingtreding van nieuwe wetgeving op dit vlak, een (tijdelijke) regeling te treffen waarin de grondslag voor de verstrekking van strafrechtelijke gegevens in het kader van een dwangopname wordt vastgelegd. Daarbij kan aansluiting worden gezocht bij de onderzoeksresultaten in ‘Gedeelde informatie’.

Het is nu aan de minister te bepalen of het onderzoeksrapport aanleiding geeft om stappen te ondernemen en aan te geven welke stappen dat zouden moeten zijn. In het rapport worden suggesties gedaan om door het uitvaardigen van nadere regelgeving tegemoet te komen aan de op dit moment bestaande lacunes.

Uitspraken

Meest gelezen berichten