Internationale Rechtshulpkamer vraagt uitleg aan Hof van Justitie in Luxemburg

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Amsterdam > Nieuws > Internationale Rechtshulpkamer vraagt uitleg aan Hof van Justitie in Luxemburg
Amsterdam, 30 oktober 2015

De Internationale Rechtshulpkamer (IRK) van de rechtbank Amsterdam legt opnieuw 2 kwesties (prejudiciële vragen) voor aan het Hof van Justitie van de Europese Unie.

Straf uitzitten in Polen?

De 1ste kwestie gaat om een overleveringsverzoek van een man met de Poolse nationaliteit die in Polen een onherroepelijke gevangenisstraf moet uitzitten. Hij verblijft langer dan 5 jaar ononderbroken en rechtmatig in Nederland en is daarom gelijkgesteld met een Nederlander. Dit betekent dat de Overleveringswet zijn overlevering verbiedt, immers overlevering van een Nederlander mag niet voor de tenuitvoerlegging van een onherroepelijk vonnis in een andere lidstaat. Dit geldt ook voor deze Pool.
Om te voorkomen dat de persoon zijn straf ontloopt is het wettelijk mogelijk dat Nederland de tenuitvoerlegging van de straf overneemt. In dit geval is dat onmogelijk omdat de Poolse autoriteiten daar niet aan willen meewerken. Volgens de Europese regels mag in zo’n situatie Nederland dan weer de overlevering niet weigeren. Er is dus sprake van een patstelling. De rechtbank ziet juridische mogelijkheden om die patstelling te doorbreken, maar wil eerst weten of die niet in strijd zijn met het Europese recht. Zie uitspraak ECLI:NL:RBAMS:2015:7463 en begeleidende brief (pdf, 254,6 KB) aan het Hof van Justitie.

WETS of WOTS

De 2de kwestie gaat over de tenuitvoerlegging van een gevangenisstraf in Nederland, die door een Belgische rechter is opgelegd aan een Nederlander. De IRK wil weten of in deze zaak nog de oude wet (WOTS) van toepassing is of juist de nieuwe wet (WETS). Onder de WOTS zijn de mogelijkheden om de straf over te nemen beperkter.
Het antwoord op de vraag is daarom ook van belang voor de 1ste kwestie. Een weigering van de overlevering kan immers leiden tot straffeloosheid, indien de straf is opgelegd aan een Nederlandse ingezetene die onderdaan is van de lidstaat van veroordeling. Zie uitspraak ECLI:NL:RBAMS:2015:7474.

Internationale Rechtshulpkamer

Op basis van het Europees aanhoudingsbevel (EAB) kunnen Europese lidstaten een verzoek doen tot overlevering van verdachten en veroordeelden. Die verzoeken worden in Nederland beoordeeld door de Internationale Rechtshulpkamer (IRK) van de rechtbank Amsterdam.  Die toetst of een EAB voldoet aan de eisen en of er gronden zijn om de overlevering te weigeren.

Prejudiciële beslissingen

Nationale rechtbanken moeten zorgen dat de EU-wetgeving wordt nageleefd, maar de interpretatie kan van land tot land verschillen. Als een nationale rechter twijfelt over de interpretatie of de geldigheid van een EU-besluit, kan hij het Hof van Justitie van de Europese Unie om uitleg vragen.

Meer informatie
De uitspraken van de rechtbank zijn integraal te lezen op www.rechtspraak.nl. Voor vragen kunt u bellen met de afdeling Voorlichting & Communicatie van de rechtbank Amsterdam, telefoonnummer: 020 - 5412882.

Uitspraken

Meest gelezen berichten