Vrijspraak voor invoer ruim 4.000 kilo cocaïne

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Amsterdam > Nieuws > Vrijspraak voor invoer ruim 4.000 kilo cocaïne
Amsterdam, 20 april 2016

Vier mannen die verdacht werden van invoer van 4.050 kg cocaïne in 2003 en deelname aan een drugsorganisatie zijn vrijgesproken. De rechtbank acht de verklaringen van de getuigen over betrokkenheid van de vier bij het drugstransport onvoldoende betrouwbaar. Het overige bewijs is naar het oordeel van de rechtbank niet genoeg om tot een bewezenverklaring te komen.

De partij werd in 2003 op de zeesleepboot 'Otton' in de haven van Vlissingen in beslag genomen. Naast de betrokkenheid van de invoer van deze partij cocaïne zouden de vier ook lid zijn van de criminele organisatie die verantwoordelijk was voor dit transport en voor drie eerdere cocaïnetransporten. Twee van hen zouden leiding hebben gegeven aan deze organisatie.

Getuigenverklaringen

Volgens het Openbaar Ministerie bieden de drie getuigenverklaringen ondersteund door observatiefoto’s, telecomgegevens, peilbakengegevens, een-op-een-telefoons voldoende bewijs voor de beschuldigingen. De rechtbank oordeelt anders. De verklaring van een van de getuigen acht de rechtbank onvoldoende betrouwbaar omdat deze persoon zijn informatie niet uitsluitend van de verdachten heeft gekregen. Ook was hij door zijn manier van denken en antwoorden niet altijd goed te volgen en bovendien is zijn verklaring strijdig met de resultaten van het opsporingsonderzoek. Een tweede getuige trok zijn belastende verklaring in. In die verklaring gaf de getuige geen volledige openheid van zaken over zijn eigen rol. Dit alles in combinatie met de manier waarop de getuige zich tijdens zijn verhoor ter terechtzitting gedroeg, maakt dat de rechtbank ook deze verklaring niet voor het bewijs gebruikt.

Vrijspraak

Het overblijvend bewijs is, voor zover het gaat om de betrokkenheid van de verdachten bij het transport met de Otton, onvoldoende om tot een bewezenverklaring te komen. De rechtbank spreekt de verdachten daarom vrij.
De vrijspraak van het transport met de Otton brengt mee dat de verdachten ook worden vrijgesproken van het deelnemen aan een criminele organisatie. Hun betrokkenheid bij de andere uitgevoerde transporten is in beslissende mate gebaseerd op de verklaring van een derde getuige. De verdediging heeft deze getuige vanwege diens gezondheidsklachten niet kunnen ondervragen. Daarom kan rechtbank zijn verklaring niet voor het bewijs gebruiken.

Uitspraken

Meest gelezen berichten