Veroordeelde krijgt kans om DNA-materiaal opnieuw te laten onderzoeken

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Den Haag > Nieuws > Veroordeelde krijgt kans om DNA-materiaal opnieuw te laten onderzoeken
Den Haag, 13 juli 2017

Een man die in 2012 onherroepelijk is veroordeeld voor de moord op Victor ’t Hooft in 2007 krijgt van de Staat DNA-bewijsmateriaal uit zijn strafzaak ter beschikking om dat opnieuw te laten onderzoeken. Dat heeft de voorzieningenrechter in Den Haag in een kort geding tussen deze man en de Staat beslist.

Waarom is de man deze zaak begonnen?

De veroordeelde hoopt met de uitkomst van het onderzoek de mogelijkheid van alternatieve scenario’s aan te tonen voor de moord waarvoor hij is veroordeeld. De mogelijkheden van het DNA onderzoek zijn sinds 2012 door het  gebruik van nieuwe technieken aanzienlijk toegenomen. Daardoor zouden nu ook DNA sporen, die destijds niet zijn onderzocht, kunnen worden geanalyseerd. Dat zou kunnen leiden tot andere mogelijke scenario’s van de moord.
Voor dit onderzoek heeft de man het destijds vergaarde DNA materiaal nodig (zogenaamde ruwe DNA files), dat in handen is van de Staat. Tot nu toe heeft hij daarom vergeefs verzocht. Zijn verzoek heeft ook betrekking op ander materiaal dat voor zijn veroordeling als bewijs is gebruikt.

Wat is de onderbouwing van de beslissing van de voorzieningenrechter?

De Staat heeft als standpunt dat hij aan zo’n verzoek alleen meewerkt als er voldoende aanwijzingen zijn dat een hernieuwd onderzoek zou kunnen leiden tot nieuwe inzichten over de strafzaak. De voorzieningenrechter oordeelt dat hiervan in dit geval sprake is met betrekking tot het DNA materiaal. Daarbij is van belang de verklaring van een deskundige van het Nederlands Forensisch Instituut (NFI). Deze heeft op de zitting bevestigd dat het voorgestelde DNA onderzoek in dit geval zinvol is en door het NFI ook zou zijn uitgevoerd als de nieuwe technieken in 2012 beschikbaar waren geweest.  Ook een andere deskundige heeft dat op de zitting bevestigd.
Pas als de uitkomsten van dit nieuwe DNA-onderzoek bekend zijn, is zicht op een mogelijk alternatief scenario.

De voorzieningenrechter is daarom van oordeel dat de veroordeelde op dit moment geen belang heeft bij afgifte van andere bewijsstukken dan de ruwe DNA-files. Wat de man verder vordert wordt daarom afgewezen.

Uitspraken

Meest gelezen berichten