Acht jaar cel voor drie pogingen tot verkrachtingen

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Limburg > Nieuws > Acht jaar cel voor drie pogingen tot verkrachtingen
Roermond, 14 juli 2016
Een 39-jarige man is vandaag door de rechtbank Limburg veroordeeld tot een gevangenisstraf van acht jaar. Hij stond terecht voor vier pogingen tot verkrachting en twee verkrachtingen. De rechtbank vindt drie pogingen tot verkrachting bewezen en heeft de man voor het overige vrijgesproken.

Bewijs

De rechtbank acht bewezen dat de man, samen met een mededader, tot drie keer toe heeft geprobeerd om jonge vrouwen te verkrachten. Hij heeft samen met zijn medeverdachte tot twee keer toe een meisje van haar fiets getrokken, die meisjes in de auto gedwongen, ze hardhandig vastgegrepen, ze geslagen dan wel bedreigd met een taser en een (nep)wapen, geprobeerd ze weerloos te maken door ze de drug GHB te laten drinken en ze mee te nemen naar een onbekende bestemming om ze te verkrachten.
Eén van de meisjes is, toen ze probeerde te ontsnappen uit de auto, door de man met de taser bewerkt en aan haar haren bijna honderd meter meegesleurd door de rijdende auto.
In het derde geval is hij er niet in geslaagd het meisje in de auto te krijgen. Naar alle waarschijnlijkheid, omdat ze direct hard is gaan gillen en zich in de nabijheid van de bebouwde kom bevond. Dat het bij pogingen is gebleven, is geenszins te danken aan het handelen van verdachte, maar aan het daadkrachtige optreden van de slachtoffers zelf.

De vrijspraken

De rechtbank spreekt de man vrij van een vierde poging tot verkrachting. Hoewel de rechtbank er niet aan twijfelt dat de aangifte van het slachtoffer in deze zaak juist is en dat wat zij heeft verklaard ook daadwerkelijk heeft plaatsgevonden, bevat het dossier onvoldoende bewijsmiddelen om tot een veroordeling van verdachte te komen.

Anders dan de officier van justitie, is de rechtbank van oordeel dat ook de modus operandi (wijze waarop men iets behandelt) niet overeen komt met die van de andere feiten. Het betreft in dit geval namelijk:
- een alleen opererende dader,
- die weliswaar heeft geprobeerd het slachtoffer te bedwelmen met chemische middelen, maar daarvoor geen GHB heeft gebruikt,
- en die kennelijk niet het voornemen had het slachtoffer in zijn auto te plaatsen en naar elders mee te nemen, maar haar ter plekke langs de kant van de weg in de struiken heeft willen verkrachten.

De rechtbank is, evenals de officier van justitie en de raadsman, van oordeel dat verdachte dient te worden vrijgesproken van de twee verkrachtingen wegens het ontbreken van het wettige bewijs. Voor beide zaken geldt dat er alleen een aangifte ligt en dat ieder steunbewijs ontbreekt. 

Straf

De rechtbank veroordeelt de man tot een gevangenisstraf van acht jaar. Dat is een lagere straf dan door de officier van justitie was geëist, mede omdat de rechtbank een feit minder bewezen acht dan de officier van justitie.

Uitspraken

Meest gelezen berichten