Gevangenisstraffen en taakstraf in zaak Weerter brandstichtingen

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Limburg > Nieuws > Gevangenisstraffen en taakstraf in zaak Weerter brandstichtingen
Roermond, 10 juli 2015

De meervoudige strafkamer van rechtbank Limburg, locatie Roermond, heeft vandaag uitspraak gedaan in de zaak die bekend staat als de Weerter brandstichtingen. De vijf verdachten zijn onder andere veroordeeld voor het op grote schaal stichten van branden en diefstallen in de jaren 2007 tot en met 2012. Vier verdachten hebben gevangenisstraffen opgelegd gekregen, variërend van vijf jaar, 30 maanden, één jaar en 346 dagen (waarvan één jaar voorwaardelijk) en vier maanden. De vijfde verdachte kreeg een taakstraf van 240 uur.

Hoofddader 1

Eén hoofddader is veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf voor het afsteken van lawinepijlen in twee woningen, waarbij gevaar aanwezig was voor de aanwezige bewoners, voor brandstichtingen in tuinhuisjes en diverse auto’s en voor diefstallen van auto’s en van gereedschappen uit auto’s. Deze verdachte heeft de misdrijven tegen betaling uitgevoerd en om zelf buiten schot te blijven, schakelde hij daarbij bijna altijd anderen in, terwijl hij op een afstand toekeek. De rechtbank verwijt hem in het bijzonder dat hij alleen oog had voor geldelijk gewin, dat hij zich niet om de gevolgen van zijn handelen bekommerde en hij geen enkel respect toonde voor andermans bezit en gevoelens.

De officier van justitie had een gevangenisstraf van zes jaar geëist. De rechtbank achtte die straf in beginsel ook een juiste straf, maar heeft extra rekening gehouden met het lange tijdsverloop en de meewerkende houding van verdachte, waardoor een groot aantal zaken konden worden opgelost.

Hoofddader 2

De andere hoofddader is voor drie autobranden veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf. De rechtbank verwijt hem in het bijzonder dat hij alleen oog heeft gehad voor wraakgevoelens en eigenrichting, zich niet om de gevolgen van zijn handelen heeft bekommerd en geen respect heeft getoond voor andermans bezit en gevoelens. Deze verdachte hield zich op een geraffineerde en doortrapte wijze buiten schot. Hij fungeerde als initiatiefnemer bij de brandstichtingen, benaderde daarvoor de andere hoofddader en rekende na het delict met hem af. Door het gedrag van verdachte is grote overlast en materiële schade aan goederen van anderen ontstaan.

Zijn handelen heeft ernstige gevoelens van onrust, angst en onveiligheid in de Weertse gemeenschap veroorzaakt. Verdachte wist na de eerste brandstichting, dat in Weert in een relatief korte periode een groot aantal autobranden had gewoed en dat die branden tot veel commotie hadden geleid. Hij wist ook dat het effect van zijn handelen groter zou zijn, omdat er al veel onrust in de omgeving van Weert was. Zijn handelen was dan ook een gemakkelijke manier om extra onrust te zaaien. Uit één van de brandstichtingen blijkt dat verdachte zich in zijn doen en laten niets in de weg wil laten leggen. Deze brandstichting, twee dagen na de afsluiting van elektriciteit omdat bij hem een hennepkwekerij was aangetroffen, is als een ernstige intimidatie en provocatie van de maatschappelijke orde te beschouwen.

De officier van justitie had 21 maanden gevangenisstraf gevorderd. De rechtbank achtte in zijn geval een gevangenisstraf van 36 maanden in beginsel een passende bestraffing, maar gelet op het lange tijdsverloop sinds het plegen van de feiten legde de rechtbank een gevangenisstraf van 30 maanden op.

Dader 3

Een dader die betrokken is geweest bij twee autobranden en vijf diefstallen is veroordeeld tot een gevangenisstraf gelijk aan het voorarrest (346 dagen) en één jaar voorwaardelijk. De officier van justitie had dezelfde straf gevorderd.

Dader 4

Een vierde verdachte die bij één autobrand betrokken is geweest, is veroordeeld tot een gevangenisstraf van vier maanden. De officier van justitie had vijf maanden geëist.

Dader 5

Een vijfde verdachte is voor zijn betrokkenheid bij één autobrand veroordeeld tot een taakstraf van 240 uur. De rechtbank ziet geen aanleiding om daarnaast een voorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen, zoals door de officier van justitie was gevorderd.

Uitspraken:

ECLI:NL:RBLIM:2015:5788

ECLI:NL:RBLIM:2015:5790

Uitspraken

Meest gelezen berichten