Een maand cel voor oplichtingen en verboden wapenbezit

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Midden-Nederland > Nieuws > Een maand cel voor oplichtingen en verboden wapenbezit
Utrecht, 15 februari 2017

Een 46-jarige man uit Tienhoven heeft zich schuldig gemaakt aan twee oplichtingen en vier keer aan verboden wapenbezit. De rechtbank Midden-Nederland veroordeelt de man tot een gevangenisstraf van twee maanden, waarvan een maand voorwaardelijk. De man is vrijgesproken van zeven andere verdenkingen van oplichting.

Strafbare oplichting

Niet iedere vorm van bedrog of toerekenbare fout kan worden aangemerkt als strafbare oplichting. Om een verdachte te veroordelen voor oplichting moet er sprake zijn van een ernstige vorm van bedrieglijk handelen. De verdachte moet een onjuiste voorstelling van zaken geven met als doel daar misbruik van te maken. Bijvoorbeeld door het aannemen van een valse naam, hoedanigheid of het toepassen van listige kunstgrepen.

Dakdekkerswerkzaamheden

In vijf zaken waar de man als dakdekker werkzaamheden verrichtte heeft de rechtbank vastgesteld dat hij, of anderen namens hem, werkzaamheden heeft uitgevoerd. Op basis van het dossier kan worden getwijfeld aan de oprechte bedoelingen van de man. De rechtbank kan niet vaststellen dat hij vanaf het begin niet van plan was om de werkzaamheden uit te voeren, of dat hij gebreken heeft verzonnen. In één geval vindt de rechtbank wel dat er sprake is van oplichting, omdat hij telkens opnieuw geld vroeg, maar niet aan het werk ging.

Oplichting als hotelgast

De man heeft zich in 2015 in Loosdrecht voorgedaan als een kredietwaardige klant van een hotel. Hij heeft na aandringen van het hotel een deel van de rekening betaald. De rechtbank ziet dit als onderdeel van de oplichtingspraktijk, omdat hij dit deed om de indruk te wekken dat hij het volledige bedrag zou betalen. 

Vrijspraak gehuurde auto’s en lening

De verdachte heeft in 2015 twee auto’s gehuurd. Uit verklaring van hem en een getuige blijkt dat hij een deel van de huur heeft betaald. De rechtbank kan niet vaststellen dat hij van het begin van plan was om een (gedeelte) van de huur niet te betalen. In de zaak waar de verdachte geld leende kan ook niet worden vastgesteld dat hij niet van plan was om de lening terug te betalen.

Uitspraken

Meest gelezen berichten