Jeugddetentie en jeugd-tbs voor doodsteken Nick Bood

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Noord-Holland > Nieuws > Jeugddetentie en jeugd-tbs voor doodsteken Nick Bood
Haarlem, 05 juli 2018

De rechtbank Noord-Holland heeft de 17-jarige N. veroordeeld tot de maximaal wettelijk toegestane straf van 12 maanden jeugddetentie en heeft hem daarnaast de PIJ-maatregel (ook wel jeugd-tbs genoemd) opgelegd voor het doodsteken van de 16-jarige Nick Bood. De rechtbank vindt dat er genoeg bewijs is dat N. opzettelijk en met voorbedachten rade Nick op 29 april 2017 met een mes in het hart heeft gestoken, zodat er sprake is van moord.
De medeverdachte in deze zaak, de 19-jarige V.d. P., heeft 3 maanden jeugddetentie opgelegd gekregen, omdat de rechtbank hem alleen schuldig vindt voor mishandeling met voorbedachten rade, samen met N., omdat hij het slachtoffer heeft geschopt. De rechtbank legt in het vonnis uitgebreid uit hoe zij tot dit oordeel is gekomen.

Getuigenverklaringen

Er zijn in deze zaak veel (minderjarige) getuigen gehoord. De rechtbank is bijzonder kritisch te werk gegaan bij het beoordelen van al die getuigenverklaringen op betrouwbaarheid. Dat komt omdat een aantal getuigen wisselend of niet uit eigen wetenschap heeft verklaard of achteraf heeft ingevuld wat er precies zou zijn gebeurd. Ook heeft een aantal getuigen geen of niet meteen openheid van zaken gegeven over de bewuste avond.

De rechtbank heeft daarom alleen die verklaringen gebruikt die ondersteund worden door ander bewijsmateriaal. De rechtbank is uitgegaan van de volgende gang van zaken.

Fatale messteek

N. wilde Nick al langer te pakken nemen en sprak daarbij ook over steken, omdat Nick volgens beide verdachten geld van hen had gepikt. N. is ook eerder al naar Nick op zoek geweest, bijvoorbeeld bij zijn school in Krommenie. Toen op de avond van 29 april 2017 de gelegenheid zich voordeed om Nick tegen te komen, hebben de verdachten hem samen opgewacht. Op de Burcht in Zaandam hebben zij zich verdekt opgesteld, om Nick zo te kunnen verrassen. N. heeft Nick vervolgens van achteren benaderd en meteen op hem ingestoken. Nick heeft daardoor helemaal geen kans gehad om die steek te ontwijken. Ook nadat N. hem in de borst en daarmee in het hart had gestoken, is hij nog samen met V.d. P. achter Nick aangerend, terwijl die probeerde te ontkomen. Toen Nick uiteindelijk verderop in elkaar zakte, hebben beiden zich uit de voeten gemaakt en het aan anderen overgelaten zich over Nick te ontfermen en hulp te bieden.

Wat de rechtbank niet heeft kunnen vaststellen, is of V.d. P. heeft gezien en dus wist dat N. met opengeklapte messen op Nick is afgelopen en hem toen heeft gestoken. De rechtbank gaat er op grond van een aantal getuigenverklaringen vanuit dat V.d. P. Nick heeft geschopt, op het moment dat deze wegrende bij de bankjes op de Burcht, niet wetende dat Nick inmiddels de fatale messteek al had opgelopen. V.d. P. had zelf geen mes bij zich, heeft ook niet gestoken en ging ervan uit dat er hoogstens gevochten zou worden met Nick. Hij was er ook niet op bedacht dat N. Nick zou neersteken, want N. had vaker messen bij zich, deed er trucjes mee en heeft er nooit eerder iemand iets mee aangedaan. V.d. P. heeft N. ook meer keren gewaarschuwd niet te steken. De rechtbank vindt dan ook dat V.d. P. er geen rekening mee heeft kunnen en moeten houden dat N. Nick zou steken. N. is veel verder gegaan dan het gezamenlijke plan om te vechten en Nick te slaan. Daarom heeft de rechtbank V.d. P. niet medeschuldig bevonden aan moord en is alleen N. verantwoordelijk voor de fatale messteek.

Verdachte N. heeft een onherstelbaar misdrijf gepleegd door de 16-jarige Nick van het leven te beroven. Dit gebeurde op een drukke uitgaansavond waarbij veel mensen getuigen waren van deze daad. Nicks stiefbroer heeft hem zien sterven. Verdachte heeft onmetelijk leed toegebracht aan de familieleden en vrienden van Nick. Op de zitting is dat extra duidelijk geworden bij de uitoefening van het spreekrecht. De enorme impact die deze gebeurtenissen op het leven van de nabestaanden hebben gehad, zal naar alle waarschijnlijkheid blijvend zijn.

Schadevergoeding

De rechtbank heeft de vorderingen van de ouders van Nick tot vergoeding van materiële schade grotendeels toegewezen. Omdat de Nederlandse wet op dit moment nog niet de mogelijkheid biedt om affectieschade te vergoeden, heeft de rechtbank dat deel van de vorderingen niet-ontvankelijk verklaard. Wel heeft de rechtbank een bedrag van 15.000 euro aan shockschade toegewezen aan de stiefbroer van Nick, omdat hij als gevolg van de moord op zijn stiefbroer te kampen heeft met een posttraumatische stressstoornis en daarvoor onder behandeling is.

Uitspraken

Meest gelezen berichten