PIJ maatregel voor poging doodslag en mishandeling

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Noord-Holland > Nieuws > PIJ maatregel voor poging doodslag en mishandeling
Alkmaar, 24 november 2015

De rechtbank Noord-Holland heeft vandaag een 17-jarige jongen veroordeeld tot plaatsing in een Inrichting voor Jeugdigen (de zogeheten PIJ-maatregel) voor de poging tot doodslag op een wijkagent in Den Helder en mishandeling van een conducteur in Den Haag.
De straf is gelijk aan de eis van de officier van justitie.

Poging doodslag

Op 18 mei 2015 heeft de verdachte, die destijds 16 jaar was, een wijkagent met een klauwhamer op het hoofd geslagen. De wijkagent kwam de verdachte, die was weggelopen uit een jeugdinstelling, vragen om contact op te nemen met zijn voogd. Terwijl de wijkagent in gesprek was met andere aanwezigen in de woning, heeft de verdachte een hamer uit de schuur gehaald, is met de hamer weer naar de woning gelopen en heeft de wijkagent die met zijn rug naar hem toe stond tweemaal op het hoofd geslagen. De wijkagent was totaal verrast door de hamerslagen. Voor zover bekend heeft de wijkagent geen blijvend letsel opgelopen. De rechtbank is van oordeel dat verdachte door zijn handelwijze bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat de agent om het leven zou kunnen komen.

Mishandeling

Enige weken voorafgaand aan dit incident is de verdachte in worsteling geraakt met een conducteur toen hij in de eerste klas coupé weigerde te voldoen aan het verzoek zijn telefoon uit te zetten waaruit harde muziek kwam en bovendien bleek dat hij geen geldig vervoersbewijs had.

Verweren

De rechtbank heeft de verweren van de verdediging verworpen. Ook de stelling van verdachte, dat hij zich moest verdedigen tegen de agent of in de buurt aanwezige collega’s, gaat naar het oordeel van de rechtbank niet op. De agent stond immers met zijn rug naar verdachte toe ontspannen te praten en andere collega’s waren niet ter plaatse.

Jeugd-tbs

De rechtbank heeft de conclusie van de deskundigen dat de verdachte ten tijde van de poging doodslag volledig ontoerekeningsvatbaar was overgenomen. Bij verdachte is sprake van een ziekelijke stoornis in de zin van een psychotische stoornis en een ernstige hechtingsstoornis. Inschatting van de deskundigen is dat een langdurige behandeling nodig is om de kans op herhaling te voorkomen en er voor te zorgen dat verdachte zich verder zo goed mogelijk zal ontwikkelen. Daarom heeft de rechtbank een onvoorwaardelijke PIJ-maatregel (jeugd-tbs), uit te voeren in een forensisch psychiatrische jeugdinstelling, opgelegd.

Uitspraken

Meest gelezen berichten