Vonnis: 24 jaar cel voor dubbele moord in Almelo

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Overijssel > Nieuws > Vonnis: 24 jaar cel voor dubbele moord in Almelo
Almelo, 09 december 2011

De rechtbank Almelo acht bewezen dat verdachte K., een man van (thans) 27 jaar oud, zich schuldig heeft gemaakt aan een dubbele moord. Hij heeft op 3 februari 2010 achtereenvolgens een vrouw van 73 jaar oud en een man van 53 jaar oud op zeer brute wijze levensgevaarlijk verwond, als gevolg waarvan beiden zijn overleden. De rechtbank veroordeelt verdachte, conform de eis van de officier van justitie, tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 24 jaar.

Feitenrelaas

K. is op 3 februari 2010 in zijn eigen straat op dievenpad gegaan. Hij verschafte zich toegang tot de tuin van een 73-jarige vrouw en werd daar waarschijnlijk door haar aangesproken. Hierop heeft K. deze vrouw op een doelgerichte en zeer gewelddadige wijze dodelijk letsel toegebracht. Nadat hij sieraden van de vrouw had afgenomen, liet K. haar aan haar lot over. De dodelijk verwonde vrouw is zelf haar huis binnengegaan en daar pas vele uren later overleden.

Verdachte K. was ondertussen een andere tuin in de buurt binnengegaan, waar hij de 53-jarige bewoner trof. Wederom gedroeg K. zich direct gewelddadig. Hij viel de man aan met diverse snij- en steekvoorwerpen. Uiteindelijk is het slachtoffer overleden. Ook hier was diefstal het motief, want K. heeft vervolgens het huis van de man doorzocht en spullen klaargezet om later mee te nemen, hetgeen niet is gebeurd.

Terechtzitting

De inhoudelijke behandeling van deze strafzaak heeft met name plaatsgevonden op 8 februari en 25 november 2011. Verdachte K. heeft ter zitting bekend dat hij de slachtoffers heeft gedood.

De officier van justitie eiste dat verdachte voor zijn daden zou worden veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van 24 jaar.

Motivering strafoplegging

De rechtbank acht bewezen dat verdachte K. zich schuldig heeft gemaakt aan dubbele moord, een delict dat behoort tot de zwaarste categorie misdrijven van ons strafrecht. K. heeft twee mensen hun leven, hun belangrijkste bezit, ontnomen. Het einde van hun leven is door toedoen van K. getekend door grote angst en pijn. De nabestaanden zullen hun dierbaren moeten missen. Uit de voorgedragen slachtoffer­verklaring van de moeder van het tweede slachtoffer blijkt invoelbaar hoe groot het leed is. De willekeurige manier waarop K. zijn slachtoffers uitzocht, heeft in de samenleving tot grote beroering geleid.

Geweld zoals door K. is toegepast is haast per definitie onbegrijpelijk. Dat geldt echter nog meer als gekeken wordt naar de persoon van de verdachte: een relatief jonge man, waarvan niet bekend is dat hij in het verleden grof geweld gebruikte. Ook vermogensdelicten komen nauwelijks op zijn strafblad voor. Op zitting presenteert verdachte zich als iemand die lijkt te beseffen welk leed hij anderen heeft aangedaan. Op geen enkel moment heeft hij geprobeerd te ontkennen dat hij de slachtoffers heeft omgebracht

Deskundigen van het Pieter Baan Centrum hebben onderzoek verricht naar verdachte. Zij komen tot het oordeel dat K. niet lijdt aan een persoonlijkheidsstoornis, maar dat hij ten tijde van de misdrijven in een psychotische toestand met paranoïde wanen en hallucinaties verkeerde. Deze zou zijn veroorzaakt door excessief gebruik van alcohol, in combinatie met verdovende middelen.

Het bovenstaande pleit verdachte echter niet vrij; hij heeft zichzelf in deze toestand gebracht en is daarvoor dus zelf verantwoordelijk. K. wist immers uit eerdere ervaringen van de bijwerkingen en risico’s van de middelen die hij gebruikte. Verdachte wordt beschouwd als slechts voor een klein deel verminderd toerekeningsvatbaar. De rechtbank volgt de deskundigen en ziet geen reden voor oplegging van een terbeschikkingstelling.

Voor de bewezenverklaarde feiten is een langdurige onvoorwaardelijke gevangenisstraf op zijn plaats. Strafverhogend voor K. is de willekeurige wijze waarop hij zijn slachtoffers heeft uitgezocht en de beroering en het onbegrip die dit met zich heeft meegebracht, de omstandigheid dat hij heeft gedood om te kunnen stelen en de zeer gewelddadige wijze waarop de slachtoffers zijn gedood. Aan de andere kant is K. nauwelijks eerder voor geweldsdelicten veroordeeld, heeft hij bij de politie zijn medewerking verleend en moet hij enigszins verminderd toerekenings­vatbaar worden geacht.

Al met al acht de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zoals geëist door de officier van justitie op zijn plaats. De rechtbank veroordeelt verdachte tot 24 jaar gevangenisstraf.

Daarnaast dient K. een schadevergoeding van € 8.812,38 te betalen aan één van de nabestaanden.

Uitspraken

Meest gelezen berichten