Discussie over financiering rechtspraak

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksUitspraken en nieuws > Thema's > Financiering

Financieringssystematiek

 

Elke 3 jaar spreekt de Rechtspraak met de minister van Veiligheid en Jusititie prijzen af voor rechtszaken. In 2016 moeten er afspraken gemaakt worden voor de periode 2017-2019.

 

Objectief

In de Wet op de rechterlijke organisatie staat dat de financiering van rechtspraak op objectieve wijze moet plaatsvinden: de Rechtspraak moet zoveel geld krijgen als nodig is om goed en tijdig recht te kunnen spreken. Afspraken over prijzen moeten worden gemaakt op basis van objectieve factoren, zoals de behandeltijd per zaak (gemeten in tijdschrijfonderzoek), kwaliteitsmaatstaven en werklasteffecten (bijvoorbeeld door nieuwe wetgeving).

 

 

Discussie

Er is discussie over de financiering van rechtspraak. Frits Bakker, voorzitter van de Raad voor de rechtspraak, zegt in het Jaarverslag 2015 (jaarverslagrechtspraak.nl) dat er 2 weeffouten zitten in de Wet op de rechterlijke organisatie. Hij betreurt het dat er niet voor is gekozen om de Rechtspraak de status van Hoog College van Staat te geven. Kenmerkend voor Hoge Colleges van Staat (parlement.com) is dat ze een (grond)wettelijke en onafhankelijke positie hebben. Achterliggende gedachte: het gaat hier om functies die onontbeerlijk zijn in een democratische rechtsstaat, waarin de verschillende machten elkaar controleren en in evenwicht houden. De tweede weeffout is dat het financieringssysteem geen rekening houdt met periodes waarin er iets extra's nodig is.

 

Weeffout 1: geen Hoog College van Staat

De eerste weeffout is dat de Rechtspraak als apart onderdeel is ondergebracht bij de begroting van het ministerie van Veiligheid en Justitie en niet de status heeft van Hoog College van Staat. Daardoor is het huishoudboekje van de minister leidend bij de prijsonderhandelingen, waardoor financiering van rechtszaken deels een politieke keuze wordt. Terwijl objectieve maatstaven leidend zouden moeten zijn. De Rechtspraak vindt dat zij, als onafhankelijke derde staatsmacht, een andere benadering behoeft dan andere overheidsdiensten. Rechtspraak is immers een essentiële staatstaak.

Weeffout 2: alleen lopende zaken

De tweede weeffout is dat het systeem alleen rekening houdt met lopende zaken en de huidige werkwijze. Soms zijn er extra middelen nodig. Dat was bijvoorbeeld het geval met de herziening van de gerechtelijke kaart in 2013, waardoor gerechten fuseerden. Dat is ook het geval bij het moderniseringsprogramma KEI, waardoor er veel moet worden geïnvesteerd in digitalisering van procedures. Tot nu betaalde de Rechtspraak dit uit haar reserves, maar dat kan niet meer.

 

Geen overeenstemming?

Als de Raad voor de rechtspraak en de minister geen overeenstemming bereiken over de financiering van rechtspraak, kunnen zij ervoor kiezen een afwijkende begroting in te dienen bij het parlement. Het parlement beslist dan welke begroting wordt gevolgd. Dit is in de tijd dat het huidige financieringssysteem bestaat (sinds 2002, tegelijkertijd met de oprichting van de Raad voor de rechtspraak) nog niet voorgekomen.

 

 

 

Neem contact op met het Rechtspraak Servicecentrum

Sociale media

Stel uw vraag via
Stel uw vraag via

Pas op met het delen van privé-gegevens op sociale media.

Telefoon

Bereikbaar maandag t/m vrijdag tussen 8.00 en 20.00 uur.

Veelgestelde vragen aan het Rechtspraak Servicecentrum