Algemeen

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

In de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet BOPZ) staat geregeld wanneer iemand tegen zijn wil mag worden opgenomen en behandeld.

Het gaat dan bijvoorbeeld om mensen met een psychiatrische ziekte, dementie of verstandelijke beperking. De Wet BOPZ biedt deze mensen rechtsbescherming.

Algemeen

Wat houdt de Wet BOPZ in?

Iemand die als gevolg van een geestelijke stoornis een gevaar is voor zichzelf of voor zijn omgeving, kan onder bepaalde voorwaarden verplicht worden opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis. De regelingen hierover zijn opgenomen in de Wet Bijzondere Opnemingen in Psychiatrische Ziekenhuizen (Wet BOPZ). Deze wet maakt verschillende maatregelen mogelijk, die hieronder kort worden toegelicht.


Inbewaringstelling

In geval van onmiddellijk dreigend gevaar kan de burgemeester van de gemeente waarin de betreffende persoon verblijft, inbewaringstelling (ibs) gelasten. Dit gebeurt zonder tussenkomst van de rechter.


Rechterlijke machtiging

Op grond van de Wet BOPZ kunnen verschillende rechterlijke machtigingen worden verleend: machtiging tot voortzetting inbewaringstelling, voorlopige machtiging, machtiging tot voortgezet verblijf en voorwaardelijke machtiging. Hieronder leest u er meer over.


Machtiging tot voortzetting inbewaringstelling

Nadat de burgemeester inbewaringstelling heeft gelast, draagt hij het dossier zo spoedig mogelijk over aan de officier van justitie. Als dat nodig is, vraagt de officier van justitie de rechtbank vervolgens een voortzetting van de inbewaringstelling uit te spreken. Als de rechter oordeelt dat de betrokken persoon nog altijd onmiddellijk dreigend gevaar veroorzaakt, spreekt hij een voortzetting van de inbewaringstelling uit voor de duur van drie weken.


Voorlopige machtiging

Na de periode van drie weken kan de officier van justitie de rechtbank verzoeken een voorlopige machtiging tot voortgezet verblijf af te geven. Als de rechter die machtiging afgeeft, kan iemand onder bepaalde voorwaarden tegen zijn wil voor maximaal zes maanden in een psychiatrisch ziekenhuis worden opgenomen. De persoon in kwestie moet als gevolg van een geestesstoornis gevaar veroorzaken voor zichzelf of voor zijn omgeving.


Machtiging tot voortgezet verblijf

Als de officier van justitie van mening is dat de voorlopige machtiging moet worden verlengd, verzoekt hij de rechtbank een voortgezette machtiging af te geven. Als de rechter die machtiging afgeeft, kan iemand tegen zijn wil voor maximaal een jaar in een psychiatrisch ziekenhuis worden opgenomen. De persoon in kwestie moet als gevolg van een geestesstoornis gevaar veroorzaken voor zichzelf of voor zijn omgeving. De maatregel kan telkens met een jaar worden verlengd, maar moet dan wel steeds opnieuw aan de rechter worden voorgelegd.


Voorwaardelijke machtiging

De officier van justitie kan ook ambtshalve of op verzoek van de familie of partner van betrokkene de rechter verzoeken om een voorwaardelijke machtiging. Het doel van deze machtiging is om mensen met een geestesstoornis die behandeling nodig hebben, te behandelen zonder verplichte opname. Iemand wordt bijvoorbeeld niet tegen zijn zin opgenomen in een psychiatrische kliniek, mits hij zich houdt aan de afspraak om dagelijks antipsychotica in te nemen.

 

Neem contact op met het Rechtspraak Servicecentrum

Sociale media

Stel uw vraag via
Stel uw vraag via

Pas op met het delen van privé-gegevens op sociale media.

Telefoon

Bereikbaar maandag t/m vrijdag tussen 8.00 en 20.00 uur.

Veelgestelde vragen aan het Rechtspraak Servicecentrum