Waar u 'ouders' leest, gaat het om één of twee ouders met gezag, verzorgers met gezag of voogden. En waar u 'kind' leest, kunnen dit ook meer kinderen zijn.
Waarom is er een zitting?
Voordat de zitting begint, heeft de kinderrechterRechter die strafzaken tegen minderjarigen (12-18 jaar) en de civiele jeugdbeschermingszaken behandelt. al documenten gekregen en gelezen. Bijvoorbeeld het verzoek tot ondertoezichtstellingMaatregel opgelegd door de kinderrechter waarbij de ouders of verzorgers van een kind worden beperkt in het ouderlijk gezag/voogdij en waarbij het toezicht op het kind wordt opgedragen aan een jeugdbeschermingsorganisatie (een zogenoemde gecertificeerde instelling). (OTS), voorlopige ondertoezichtstelling (VOTS) of verlenging van een OTS. De kinderrechter beslist over het verzoek. Daarvoor is het nodig dat de kinderrechter een goed beeld krijgt van uw kind(eren) en de thuissituatie. De kinderrechter stelt er vragen over tijdens de zitting en luistert naar u en de andere aanwezigen. Het kan zijn dat de kinderrechter eerst een kindgesprek voert voordat de zitting plaatsvindt.
Wat is een kindgesprek?
Een kindgesprek is een gesprek tussen de kinderrechter en uw kind. Kinderen van acht jaar of ouder krijgen altijd een uitnodiging voor het kindgesprek. Uw kind is niet verplicht om naar het kindgesprek te gaan als het hier een uitnodiging voor krijgt. De kinderrechter vindt het wel heel belangrijk om de mening van uw kind te horen. Als ouder bent u niet bij een kindgesprek aanwezig.
Wie zijn er bij de zitting aanwezig?
De zitting vindt plaats in de zittingszaal. De zitting is niet voor iedereen toegankelijk. Alleen de volgende mensen mogen bij de zitting zijn.
Belanghebbenden en hun eventuele advocaat
Belanghebbenden zijn in elk geval:
- u en de eventuele andere ouder(s) of verzorger(s) met gezagHet recht en de plicht van een persoon (meestal een ouder) om een kind jonger dan 18 jaar op te voeden en te verzorgen en belangrijke beslissingen te nemen over het kind. Een of twee personen kunnen het gezag hebben. of voogdijHet recht en de plicht van een persoon (een ander dan een ouder) om een kind jonger dan 18 jaar op te voeden en te verzorgen en belangrijke beslissingen te nemen over het kind. Een of twee personen kunnen de voogdij hebben. Een jeugdbeschermingsorganisatie (gecertificeerde instelling) kan ook voogd van een kind zijn.
- uw kind(eren) van twaalf jaar of ouder. De kinderrechter praat voor de zitting met het kind van acht jaar of ouder, als het kind dat wil
- de stiefouder als deze met de verzorgende ouder en het kind samenleeft
- de pleegouder(s) die het kind een jaar of langer verzorgt en opvoedt
- de verzoekerIndiener van een verzoekschrift. (meestal de Raad voor de KinderbeschermingOrgaan van het ministerie van Justitie en Veiligheid, gevestigd in elke arrondissementshoofdplaats. De raad behartigt de belangen van minderjarigen die dat nodig hebben en adviseert de kinderrechter bijvoorbeeld bij verzoeken om ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing. De raad heeft een adviserende rol of treedt op als procespartij in zaken over gezag, omgang, ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing., of de jeugdbeschermingsorganisatie bij een verzoek tot verlenging van de OTS)
Informanten en andere personen
De kinderrechter kan ook toegang tot de zitting verlenen aan de volgende personen.
- Informanten, van wie de kinderrechter de verklaring belangrijk vindt, bijvoorbeeld een ouder of verzorger zonder gezag of een hulpverlener zoals een maatschappelijk werker. Bij een eerste verzoek tot OTS wordt de jeugdbeschermingsorganisatie uitgenodigd voor de zitting als informantEen persoon van wie de rechter de verklaring belangrijk vindt en om die reden wordt uitgenodigd voor de zitting..
- Andere personen die om praktische redenen aanwezig moeten zijn, bijvoorbeeld een tolk of de parketpolitieDe parketpolitie is verantwoordelijk voor de veiligheid in de rechtbank, voor, tijdens en na een zitting..
Wat beoordeelt de rechter?
Meestal heeft de kinderrechter na het lezen van alle documenten, het horen van aanwezigen tijdens de zitting en soms een kindgesprek een beeld van uw kind en de thuissituatie. De kinderrechter kan dan beoordelen of een (verlenging van de) OTS nodig is. Dit is het geval als:
- er ernstige zorgen zijn over de ontwikkeling van het kind, en
- hulpverlening die nodig is niet of onvoldoende wordt geaccepteerd, en
- de verwachting is dat de ouder(s) met gezag over een tijd weer zelf het kind kan verzorgen en opvoeden
Wanneer beslist de kinderrechter?
Vaak vertelt de kinderrechter aan het einde van de zitting zijn beslissing. Het kan zijn dat de kinderrechter tijdens de zitting zegt dat hij langer moet nadenken over de beslissing.
Voor meer informatie of hulp, bezoek de contactpagina. Daar vindt u antwoorden op veelgestelde vragen en informatie over hoe u ons kunt bereiken.