Research memoranda - archief

Research Memoranda 2010

Beslissingen Evaluatie belastingrechtspraak in twee instanties; eindrapport fase 3

2010-RM-Evaluatie-belastingrechtspraak-in-twee-instanties-Eindrapport-fase-III.pdf (pdf, 2 MB)

Auteurs: Prof. mr. R.J.G.M. Widdershoven, Mr. M.J.M. Verhoeven
Research Memoranda, nummer 7-2010
Raad voor de rechtspraakDe Raad voor de rechtspraak bestaat sinds 1 januari 2002 en vormt de schakel tussen de minister van Justitie en de gerechten. De Raad heeft als opdracht te bevorderen dat de gerechten hun rechtsprekende taak goed kunnen vervullen., februari 2011

Beslissingen over kinderen in problematische opvoedingssituaties: Inzichten uit gehechtheidsonderzoek

Research Memoranda Nummer 5 / november 2023 - Beslissingen over kinderen in problematische opvoedingssituaties (pdf, 524 KB)

In 2023 heeft Juffer een update verzorgd van dit rapport. Dit herziene research memorandum met de laatste wetenschappelijke inzichten verscheen in november 2023 (jaargang 18, nr. 5).

Kinderrechters nemen beslissingen die verstrekkende gevolgen kunnen hebben voor kinderen en hun ouders zoals het wel of niet uit huis plaatsen van een kind, of het toewijzen van een kind aan een van de ouders. Zij baseren hun oordeel mede op rapportages die zijn opgesteld door medewerkers van de Raad voor de KinderbeschermingOrgaan van het ministerie van Justitie en Veiligheid, gevestigd in elke arrondissementshoofdplaats. De raad behartigt de belangen van minderjarigen die dat nodig hebben en adviseert de kinderrechter bijvoorbeeld bij verzoeken om ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing. De raad heeft een adviserende rol of treedt op als procespartij in zaken over gezag, omgang, ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing., Bureau Jeugdzorg of andere instanties.

De in het onderzoek bijeengebrachte informatie ondersteunt kinderrechters bij hun inschatting van de opvoedingsproblematiek en helpt hen bij de beoordeling van de deskundigenadviezen. Het rapport laat zien hoe bepalend de kwaliteit van de interactie tussen de opvoeder en jonge kinderen, al vanaf hun geboorte, is voor de kwaliteit van de gehechtheid. Een veilige gehechtheidsrelatie geldt als een beschermende factor voor de verdere ontwikkeling van het kind. Met nadruk waarschuwt de auteur voor het nogal wijdverbreide misverstand dat niet veilig gehechte jonge kinderen geen baat meer zouden hebben aan correctieve interventies op latere leeftijd. Het is daarom dat zij uitgebreid aandacht besteedt aan populaire valkuilen en concrete aanbevelingen formuleert. Centraal daarbij staat de notie: sensitief ouderschap. Het is voor de rechters van belang daarop hun focus te richten bij hun poging om de ouder-kindrelatie te verbeteren.

Auteur: dr. F. Juffer
Research Memoranda, nummer 6-2010
Raad voor de rechtspraak, oktober 2010

Rechtspreken: samen of alleen. Over meervoudige en enkelvoudige rechtspraak

Rechtspreken: samen of alleen. Over meervoudige en enkelvoudige rechtspraak. (pdf, 2 MB)

Uit het onderzoek ‘Rechtspreken: samen of alleen’ blijkt dat de keuze van het soort zaken dat aan de meervoudige kamerEen kamer van een gerecht, bestaande uit ten minste drie rechters. De meervoudige kamer beslist over zware of ingewikkelde zaken. In hoger beroep worden de zaken veelal door een meervoudige kamer behandeld. wordt toebedeeld, afhangt van (vaak ongeschreven) inhoudelijke en functionele criteria die in de rechtspraktijk zijn ontwikkeld. Zaken die volgens de toedelers juridisch ingewikkeld of publicitair gevoelig zijn, worden meervoudig behandeld. Dat geldt ook voor zaken die betrekking hebben op nieuwe regelgeving of als het materiële of financiële belang van de zaak groot is. In het rapport van de onderzoekers van de Radboud Universiteit Nijmegen staat verder dat meer dan 90 procent van de respondenten meent dat van meervoudige afdoening een (zeer) gunstig effect op de kwaliteit van de rechtspraak uitgaat. Tegen een frequenter meervoudig afdoen van zaken staan over het algemeen slechts financiële bezwaren in de weg. Toch kan rechtspraak door één rechter volgens de respondenten ook voordelen hebben, bijvoorbeeld in de snelheid waarmee een uitspraak tot stand komt. Ook kan het bijdragen aan een vruchtbare dialoog tussen rechtzoekenden en rechter. Het rapport levert de basis voor verder verdiepend onderzoek naar het kwalitatieve effect van meervoudigheid.

Auteurs: R. Baas, L.E. de Groot-van Leeuwen, M.T.A.B. Laemers.
Research Memoranda. nr 5-2010
Raad voor de rechtspraak, augustus 2010

De minimumstraf opnieuw bezien. Een geactualiseerde beknopte rechtsvergelijking

De minimumstraf opnieuw bezien (pdf, 1 MB)

Over de effecten van minimumstraffen op de ontwikkeling van criminaliteit en de beïnvloeding van het veiligheidsgevoel bij burgers is zo goed als niets bekend. Dat concludeert Peter J. P. Tak, emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen, in zijn onderzoek ‘De minimumstraf opnieuw bezien. Een geactualiseerde beknopte rechtsvergelijking.’
Het onderzoek is gebaseerd op analyses van de juridische literatuur, invloedrijke dagbladen en raadpleging van deskundigen. Na een beschrijving van de minimumstrafstelsels in een groot aantal Europese landen zoomt de studie in op Frankrijk – waar de minimumstraf in 2007 heringevoerd werd – en op Engeland en Wales, waar de stelsels in 2005 aanmerkelijk verfijnd werden.

Taks voornaamste conclusie luidt dat het onmogelijk is de onderzochte stelsels in een typologie onder te brengen: Verschillen tussen de strafkaders lopen daarvoor te ver uiteen. In geen van de landen is onderzoek beschikbaar waaruit onomstotelijk blijkt dat invoering van minimumstraffen tot minder criminaliteit of recidiveHerhaling van strafbaar gedrag. heeft geleid. Ook in de achtergronden van de introductie schuilt weinig gemeenschappelijks. Voor zover er sprake is van publieke onvrede over straftoemeting is het onzeker of dat gevoel verdwijnt door de invoering van minimumstraffen. Wat wel vaststaat, is dat minimumstraffen tot capaciteitsproblemen in het gevangeniswezen en stijgende financiële lasten kunnen leiden.

Auteurs: Peter J.P. Tak
Research Memoranda. nr 4-2010
Raad voor de rechtspraak, juli 2010

Vormfouten in de Verenigde Staten, Juridische consequenties van vormfouten in strafzaken

Vormfouten-in-de-Verenigde-Staten.pdf (pdf, 2 MB)

Nederland dient aansluiting te zoeken bij de ondubbelzinnige manier waarop in de Verenigde Staten op strafrechtelijke vormfouten wordt gereageerd. Bij het vormgeven van die ambitie speelt de Hoge RaadHoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet meer zelf de feiten vast, maar bekijkt of de lagere rechter bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast. een belangrijke rol, zo concludeert mr. R. Kuiper na het vergelijkend onderzoek tussen beide landen dat hij uitvoerde in opdracht van de Raad voor de rechtspraak.
De centrale vraag van het onderzoek was welke lessen het Nederlandse strafrecht kan leren van de wijze waarop men in de VS op vormfouten reageert. Het onderzoek richtte zich zowel op de werkwijze van de Amerikaanse strafrechter bij zijn belangenafweging in individuele gevallen als op het gehele stelsel van reacties op vormfouten.
De auteur pleit voor versterking van de rol van de Hoge Raad ten aanzien van de reacties op vormfouten. Meer duidelijkheid over de daarmee door de strafrechter na te streven doelen komt de rechtseenheid en rechtszekerheid ten goede. Om effectief te kunnen reageren, pleit onderzoeker Kuiper voor een databank en een jaarlijkse rapportage voor inzicht in frequentie, aard en oorzaken van vormverzuimen.

Auteur: R. Kuiper
Research Memoranda, nr 3-2010
Raad voor de rechtspraak, juni 2010

Conservatoir beslag in Nederland: zekerheid en pressiemiddel

Conservatoir beslag in Nederland: zekerheid en pressiemiddel (pdf, 1 MB)

De wetgeving rond conservatoir beslagBeslag op goederen na toestemming van een rechter, vooruitlopend op een uitspraak over een geschil. geeft drie waarborgen voor een evenwichtige rechtsgang bij conservatoir beslag. In opdracht van de Raad voor de rechtspraak onderzochten mr. M. Meijsen en prof. mr. A.W. Jongbloed, beiden verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht, of die drie onderdelen in de praktijk het bedoelde evenwicht in rechtsbescherming van zowel de eiser als de ook realiseren. De onderzoekers beantwoorden die vraag negatief. Zij menen dat er sprake is van een uitholling van de waarborgfuncties en dat er geen sprake meer is van het destijds door de wetgever voorziene evenwicht. In dat verband wijzen ze erop dat in twee derde van de gevallen van beslaglegging het leggen van druk op de wederpartij een belangrijke rol speelt, wat anders is dan de in de wet bedoelde zekerheidsstellende functie van de voorziening.
Verbetering van de situatie zou volgens de onderzoekers ontstaan als de rechters bij de toetsing van het verzoek meer aansluiting zoeken bij de substantiëringsplicht.

Auteurs: M. Meijsen, A.W. Jongbloed
Research Memoranda, nr 2-2010, Raad voor de rechtspraak, mei 2010

Specialisatie loont?! Ervaringen van grote ondernemingen met specialistische rechtspraakvoorzieningen

RM specialisatie loont.pdf (pdf, 2 MB)

Auteurs: A. Böcker, T. Havinga, A. Jettinghoff, C. Klaassen en L. Bakker
Research Memoranda, nr 1-2010, Raad voor de rechtspraak, maart 2010

Research memoranda 2009

Mediation naast rechtspraak, Doorlooptijden en kosten

Mediation naast rechtspraak kosten en doorlooptijden (pdf, 2 MB)

Dit Research Memorandum is het verslag van een onderzoek naar de economische kant van de nieuwe mogelijkheid om via de Rechtspraak naar mediationAlternatieve methode om geschillen buiten de rechter om op te lossen. Wordt ook alternatieve geschilbeslechting genoemd. te verwijzen. Specifieke vragen waren welke gevolgen de invoering van deze verwijzingsmogelijkheid heeft voor de kosten van de gerechten en de doorlooptijden van zaken. Het onderzoek is uitgevoerd door SEO Economisch Onderzoek.

De gevolgen voor de kosten van de rechtbanken blijken beperkt. Enerzijds moeten de rechtbanken kosten maken om de verwijzingen te organiseren, anderzijds besparen zij kosten, omdat zij de zaak vaak niet verder (volledig) hoeven te behandelen als de mediation tot volledige overeenstemming leidt. Als de gerechten meer zouden verwijzen naar mediation, zou het effect op de kosten voor de gerechten gunstiger kunnen uitvallen.

Zaken waarin is verwezen naar mediation duren langer dan soortgelijke zaken, waarbij niet is verwezen naar mediation. Het verschil in doorlooptijd is sterk afhankelijk van het type zaak en de uitkomst van de mediation. Ook het moment van verwijzing naar mediation is relevant.  Het bijgevoegde essay geeft aanwijzingen in welke richting de oorzaken van deze langere doorlooptijden moeten worden gezocht.

Auteurs: M. Gerritsen, J. Weda, J. Poort
met medewerking van K. Jansen en S. Bremer
Research Memoranda, nr 3-2009
Raad voor de rechtspraak, november 2009

Op maat beslecht, Mediation naast rechtspraak 1999-2009

Op maat beslecht mediation naast rechtspraak 1999-2009 (pdf, 2 MB)

De bundel presenteert beknopt de geschiedenis van het idee: een op maat te realiseren beslechting van conflicten onder directe verantwoordelijkheid van de belanghebbenden zelf. Een idee dat, gestart in het werkveld rond de eeuwwisseling in de Beleidsbrief ADR Meer wegen naar het recht beleidsmatige erkenning krijgt.

Dan komt het aan op de uitvoering. Gefaseerd krijgt een en ander gestalte, organisatorisch aangestuurd door het Landelijk Bureau Mediation (LBM) wordt de verwijsvoorziening gerealiseerd. Het derde aandachtspunt vormen de resultaten, welke via systematische registratie en vervolgens analyse inzichtelijk zijn gemaakt. De toekomst — een onmisbaar referentiepunt — krijgt op twee manieren gestalte. Enerzijds via de beschrijving van de nieuw gestarte pilots waarin conflictdiagnose en belangeninventarisatie de leidende principes vormen. Anderzijds via een persoonlijke terugblik van Machteld Pel.

Auteurs: L. Combrink, A. Klijn, M. Pel en S. Verberk
Research Memoranda, nr 2-2009,
Raad voor de rechtspraak, november 2009

De daad bij het woord. Het naleven van rechterlijke uitspraken en schikkingsafspraken

2009-RM-Het-naleven-van-rechterlijke-uitspraken-en-schikkingsafspraken.pdf (pdf, 1 MB)

Over de naleving van uitspraken in civiele procedures is, anders dan bij het strafrecht, bijzonder weinig bekend. De zorg voor dat onderdeel van civiele procedures wordt overgelaten aan private partijen, terwijl de betrokkenheid van overheden zich beperkt tot het toezicht op die markt. Doordat het zicht op de naleving van deze uitspraken grotendeels ontbreekt, kan men zich afvragen of zinvol beleid kan worden geformuleerd ten aanzien van het civiele recht. Het negatieve antwoord op die vraag leidde tot de opdracht om in deze kennislacune te voorzien. Dit Reserach Memorandum geeft een eerste inzicht in deze materie.

Auteurs: R.J.J. Eshuis (Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatie Centrum (WODC) van het Ministerie van JustitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht.)
Research Memoranda, nr 1-2009, Raad voor de rechtspraak, oktober 2009

Research memoranda 2008

Zitten, luisteren en schikken. Rechtvaardigheid en doelbereik bij de comparitie na antwoord

Zitten, luisteren en schikken. Rechtvaardigheid en doelbereik bij de comparitie na antwoord (pdf, 699 KB)

De comparitieZitting in een rechtsgeding. na antwoord heeft sinds 2002 een centrale positie in de Nederlandse civiele procedure. Onderzocht is in welke mate de huidige praktijk voldoet aan de door de wetgever beoogde doelen:

  • het beproeven van een schikkingTussentijdse overeenkomst tussen partijen waarmee het conflict is opgelost voordat de civiele of bestuursrechter een uitspraak heeft gedaan.;
  • het verkrijgen van inlichtingen;
  • het informatie verschaffen aan de partijen over het vervolg van de procedure (indien geen schikking bereikt wordt).

Naast de beschrijving van de gang van zaken beoogde het onderzoek ook de toetsing van de hypothese of de mate van doelbereik in belangrijke mate bepaald wordt door de mate waarin de procedures voldoen aan kenmerken die afgeleid zijn van de theorie van ‘Procedurele Rechtvaardigheid’.

Auteurs: J. van der Linden & M. Barendrecht (Universiteit van Tilburg).
Research Memoranda, nr. 5-2008
Raad voor de rechtspraak, november 2008

Evaluatie belastingrechtspraak in twee instanties

Evaluatie belastingrechtspraak in twee instanties (pdf, 1 MB)

In deze tweede fase is onderzocht hoe de eerdere geconstateerde ontwikkelingen verder zijn geëvolueerd.

Auteurs: R.J.G.M. Widdershoven, M.J.M. Verhoeven, R. Ortlep, A. Buijze, K.L.H. van Mens, M.B.A. van Hout
Research Memoranda nr. 4-2008
Raad voor de rechtspraak, juli 2008

Inschakeling van deskundigen in de rechtspraak

Inschakeling van deskundigen in de rechtspraak (pdf, 1 MB)

Verslag van een onderzoek naar knelpunten en verbetervoorstellen
Het rapport beschrijft knelpunten met betrekking tot de inzet van deskundigen in civielrechtelijke zaken en bevat aanbevelingen om daaraan tegemoet te komen. Onderzoek heeft laten zien dat de voornaamste problemen met betrekking tot de inzet van deskundigen in de civiele rechtspraak zijn gelegen in de communicatie tussen partijen, rechter en deskundige, in de afwikkeling van de kosten en in de doorlooptijd van de gerechtelijke procedure. Beperkt onderzoek met betrekking tot de inzet van deskundigen in bestuursrechtelijke zaken had als uitkomst dat de voornaamste problemen hier betrekking hebben op de beschikbaarheid van deskundigen, de tarieven van deskundigenonderzoek en de doorlooptijd.

Auteurs: G. de Groot en N.A. Elbers
Research Memoranda nr. 3-2008
Raad voor de rechtspraak, augustus 2008

Strafrechtelijke oordelen van rechters en leken

​Bewijsbeslissingen, straffen en hun argumentatie

Strafrechtelijke oordelen van rechters en leken. Bewijsbeslissingen,straffen en hun argumentatie (pdf, 514 KB) 

Er zijn drie onderzoeksvragen geformuleerd ten aanzien van de drie onderzochte groepen: rechters,  academisch gevormde leken en niet-academisch gevormde leken.

  • Vraag 1: beslissen de drie groepen verschillend over de bewezenverklaring?
  • Vraag 2: beslissen de drie groepen verschillend over de straftoemeting?
  • Vraag 3: beslissen de drie groepen op verschillende wijzen? Gebruiken ze verschillende argumenten voor deze beslissingen, en/of zijn deze argumenten op verschillende manieren verankerd?

Auteur: W. A. Wagenaar
Research Memoranda nr. 2-2008
Raad voor de rechtspraak, juni 2008

Moord, doodslag, taakstraf?

​Een Zembla-uitzending nader bekeken

Moord, doodslag, taakstraf (pdf, 1 MB)

Onderzocht is de praktijk van de vordering en oplegging van taakstraffen in 2006. Daaronder begrepen de vraag bij welke ernstige misdrijven de rechter een taakstrafWerkstraf oplegde.

Auteurs: A. Klijn, F. van Tulder, R. Beaujean, T. van der Heijden, G. Rodenberg
Research Memoranda nr. 1-2008
Raad voor de rechtspraak, juni 2008

 

Research memoranda 2007

Afgewogen Straffen. Gebruik van een databank kan bijdragen aan kleinere verschillen in straftoemeting bij strafzaken. Analyse en verbetering van de Databank Consistente Straftoemeting.

Afgewogen straffen (pdf, 3 MB)

Het onderzoek past in de Agenda van de rechtspraak 2008-2011, die onder andere de vergroting van de materiële rechtseenheid tot doel stelt. De eenheid van straftoemeting is in dit verband een belangrijk onderwerp. Het rapport bestaat na een introductie uit twee delen. Het eerste deel bevat een analyse van door de gerechtshoven vanaf het jaar 2000 in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. behandelde zware misdrijfzaken en de daarbij opgelegde gevangenisstraffen. Dit onderzoek is gebaseerd op de Databank Consistente Straftoemeting. De onderzoekers doen in het tweede deel suggesties om de bruikbaarheid van de databank te vergroten.

Auteurs: F. van Tulder en B. Diephuis
Research Memoranda nr. 4-2007
Raad voor de rechtspraak, december 2007

eCase Management, een internationale studie in rechtsprekende organisaties. Onderzoek naar eCase Management op initiatief van de Raad voor de rechtspraak in samenwerking met Unisys en het Leibniz Center for Law van de Universiteit van Amsterdam

eCase Management (pdf, 626 KB)

Onder Case Management wordt in het onderzoek verstaan: ‘het optimaliseren van de primaire procesvoering in doorlooptijd, kosten en kwaliteit door het actief managen van de voortgang in een zaak door gebruik te maken van logistiek management, proceduremanagement en inhoudelijke zaaksregie’. De ondersteuning van Case Management door middel van de inzet van IT-middelen wordt vervolgens aangeduid als eCase Management. Het rapport vormt de afsluiting van een onderzoek door een samenwerkingsverband van de Raad voor de rechtspraak met Unisys en het Leibniz Center for Law van de Universiteit van Amsterdam. In het onderzoek is intensief aandacht besteed aan de stand van zaken en geplande ontwikkeling van eCase management in Australië, België, Oostenrijk, Italië, Estland en Finland.

Auteur: E.J. Rooze
Research Memoranda nr. 3-2007
Raad voor de rechtspraak, november 2007

Gelet op de cultuur. Reflectie op de relevantie van culturele achtergronden van etnische minderheden in de Nederlandse rechtspraktijk.

Gelet op de cultuur (pdf, 6 MB)

Het onderzoek stelt de vraag hoe in de praktijk van de rechtspraak met het aspect ‘cultuur’ wordt omgegaan, door rechters en andere professioneel betrokkenen. Dat roept onmiddellijk de vraag op of het wel zo’n specifieke rol moet spelen. Het rapport laat zien dat die laatste vraag vaak helemaal niet expliciet gesteld wordt. Culturele achtergronden spelen vaak een onbewuste rol, zoals ook ‘typische verschillen tussen mannen en vrouwen’ en de hoogte van iemands opleiding onbewust een rol kunnen spelen. Dat voert tot de constatering van de auteur dat het bovenal zaak is dat rechters — maar evenzeer de andere professionals — zich meer bewust worden van de eigen vooronderstellingen over culturele achtergronden. Daar hoopt deze studie aan bij te dragen.

Auteur: W.M. van Rossum
Research Memoranda nr. 2-2007
Raad voor de rechtspraak, mei 2007

Civiele rechtspraak in eerste aanleg, 2005. Een eerste stap op weg naar kwantificering van de maatschappelijke betekenis van de rechtspraak

Civiele rechtspraak in eerste aanleg 2005 (pdf, 376 KB)

De rechtspraak wordt geacht verschillende positieve functies te vervullen binnen de samenleving: voorkomen van eigenrichting, mogelijkheden bieden om geschillen in der minnen te schikken, het disciplineren van het gedrag van burgers en rechtsvorming. Uiteraard brengt de Rechtspraak ook kosten met zich. Kunnen we de kosten-batenbalans opmaken en zo de maatschappelijke betekenis van rechtspraak kwantitatief uitdrukken?
Het eerste begin bestaat eruit dat gekeken is naar het totale geldelijke belang van zaken die worden ingediend bij de civiele rechtspraak in eerste aanlegDe rechterlijke instantie waar de behandeling van een zaak plaatsvindt. De rechtbank is de eerste aanleg, het gerechtshof de tweede aanleg oftewel de hoger-beroepsinstantie (of de Centrale Raad van Beroep, College van Beroep voor het bedrijfsleven of de Afdeling bestuur van de Raad van State).. Begonnen is met de gegevens van de sectoren kanton en civiel van de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. voor het jaar 2005.

Auteur: Dr. B.C.J. van Velthoven
Research Memoranda nr. 1-2007
Raad voor de rechtspraak, april 2007

Research memoranda 2006

Evaluatie belastingrechtspraak in twee instanties. Eindrapport fase I

Evaluatie belastingrechtspraak (pdf, 543 KB)

Het onderzoek heeft tot doel de ontwikkelingen over de rolopvatting van de rechtbanken en appelcolleges te registreren en eventuele divergenties en fricties (concurrentie) in kaart te brengen. Door deze ontwikkelingen zichtbaar te maken beoogt het bovendien bij te dragen aan het zo veel mogelijk voorkomen ervan.

Hoe vullen de rechtbanken en de gerechtshoven hun rol als belastingrechter in eerste aanleg en appel in, en in hoeverre leidt deze invullingen tot divergentie en fricties?

Auteur: Prof. R. Widdershoven (Universiteit Utrecht)
Research Memoranda nr. 3-2006 Raad voor de rechtspraak, november 2006.

Op de stoel van de rechter. Oordeelt het publiek net zo als de strafrechter?

Op de stoel van de rechter (pdf, 1 MB)

Menig opinieonderzoek heeft getoond dat het algemeen publiek veel strenger zou willen straffen dan strafrechters in de praktijk doen. Men spreekt wel van een punitiviteitskloof. Waardoor komt dat? Zijn de verschillen in straftoemeting door rechters en burgers te verklaren door het verschil in de mate van informatie waarover respectievelijk de rechters en de burgers beschikken? Rechters hebben meer, en meer genuanceerde informatie, en straffen daardoor lager dan burgers die over weinig tot geen informatie beschikken.

  • Auteurs: Jan W. de Keijser, Peter J. van Koppen, Henk Elffers
  • Research Memoranda nr. 2-2006
  • Raad voor de rechtspraak, juli 2006

De positionering van de kinderrechter

De positionering van de kinderrechter (pdf, 3 MB)

De onderzoeksvragen richten zich primairEerste vordering/tenlastelegging of verzoek. Met een primaire vordering wordt aangegeven welke vordering de belangrijkste is in een reeks. op de interne organisatie van de rechtbanken, maar er dient rekening te worden gehouden met de externe effecten en de uitstraling hiervan op de ketenpartners.

  • Waarop heeft de onvrede binnen de zittende magistratuurAanduiding voor de rechters. precies betrekking?
  • Hoe verloopt de afhandeling van jeugdzaken thans binnen de rechtbanken?
  • Hoe wordt in dit kader door de ketenpartners geoordeeld over de kinderrechters?
  • Is binnen de rechtbanken verbetering nodig ten aanzien van de afstemming tussen de civielrechtelijke en strafrechtelijke interventies?
  • Wat zijn de oplossingsrichtingen waarin gedacht kan worden en wat zijn daarbij de voorwaarden en de risico’s?

Auteurs: S. Verberk, K. Fuhler
Research Memoranda nr. 1-2006
Raad voor rechtspraak, Den Haag 2006

Research memoranda 2005

Rechter onder de mensen. Een verslag van initiatieven ter vergroting van de externe oriëntatie van de Californische rechterlijke macht.

Rechter onder de mensen (pdf, 696 KB)

In deze studie wordt het ‘Court and Community Colloboration Program’ in Californië (VS) uitgebreid onder de loep genomen. Dit programma is opgezet om de externe oriëntatie van de rechterlijke machtRechters en officieren van justitie. De rechters worden tot de zittende magistratuur gerekend en de officieren van justitie tot de staande magistratuur. De rechter blijft zitten tijdens de zitting, de officier van justitie voert staande het woord. te vergroten en streeft drie doelen na:

  1. verbetering van de dialoog met de samenleving;
  2. het beter inspelen door de rechtspraak op maatschappelijke behoeften;
  3. en het vergroten van het begrip onder de bevolking met betrekking tot het rechtssysteem.

Uiteindelijk beoogt men hiermee het publiek vertrouwen in de rechtspraak te vergroten.

Auteur: S. Verberk
Research Memoranda nr. 3-2005
Raad voor rechtspraak, Den Haag 2005

Europeanisation of the Law: Consequences for the Dutch Judiciary

Europeanisation of the Law (pdf, 770 KB)

Onderzocht is welke ontwikkelingen zich voordoen op het terrein van het Europees recht en de Europese rechtspraak. De beantwoording van deze vraag bevat de volgende twee onderdelen:

  • een korte beschrijving op hoofdlijnen van recente ontwikkelingen (laatste tien jaar);
  • deze ontwikkelingen doortrekken naar de nabije toekomst (komende tien tot twintig jaar). Hierbij moet een aantal verschillende scenario’s worden uitgewerkt.

Auteurs: Prof. Dr. S. Prechal, Dr. R.H. van Ooik, Prof. Dr. J.H. Jans, Prof. Dr. K.J.M. Mortelmans
Research Memoranda nr. 2-2005
Raad voor de rechtspraak, Den Haag 2005

De waarde van de juridische infrastructuur voor de Nederlandse economie

De waarde van de juridische infrastructuur voor de Nederlandse economie (pdf, 339 KB)

Vanaf het ontstaan in het begin van de jaren '60 onderzoekt de rechtseconomie de betekenis van de juridische infrastructuur voor het maatschappelijke en economische verkeer. Via internationaal vergelijkend empirisch onderzoek is de afgelopen twee decennia geprobeerd om het belang van instituties voor processen van economische groei en ontwikkeling te kwantificeren, waarbij de aandacht vooral uitging naar lessen voor derdewereldlanden. In dit rapport gaat de aandacht uit naar wat wij van hetzelfde materiaal kunnen leren omtrent het belang van de juridische infrastructuur voor het niveau en de groei van de welvaart in Nederland.

Auteur: Dr. B.C.J. van Velthoven
Research Memoranda nr. 1-2005
Raad voor de rechtspraak, Den Haag 2005

Engelse vertaling

The value of the judicial infrastructure for the Dutch economy (pdf, 482 KB) 

by Dr. B.C.J. van Velthoven
Research Memoranda no. 1 volume 1
Netherlands Council for the judiciary, The Hague 2005

Dit is het archief research memoranda

De research memoranda van de afgelopen 5 jaar staan op de pagina Research memoranda. Ga naar recente research memoranda.

Heeft u een vraag?

Voor meer informatie of hulp, bezoek de contactpagina. Daar vindt u antwoorden op veelgestelde vragen en informatie over hoe u ons kunt bereiken.