Bestuursrechter Denise Kock
Bijna 2.700 rechters buigen zich dagelijks over misdrijven, echtscheidingen, zakelijke conflicten, burenruzies, omstreden overheidsbesluiten en nog veel meer. Wie zijn zij, wat maken ze mee en hoe zien ze hun taak? Vandaag: Denise Kock, bestuursrechter bij de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. Limburg.

‘Mijn naam is Denise Kock en ik werk sinds december 2021 als rechter bij de sector bestuursrecht van de rechtbank Limburg. Daarnaast ben ik sinds vorig jaar ook gerechtsbrede opleidingscoördinator voor de rechters in opleiding (rio's).’
Wat is je specialisatie?
‘Bij bestuursrecht behandelen we – kort gezegd – zaken waarin een overheidsinstantie een beslissing heeft genomen, waarmee iemand het niet eens is. Mijn aandachtsgebieden zijn momenteel het vreemdelingenrecht, belastingrecht en ‘varia’. De zaken die ik doe lopen uiteen van een vreemdeling die vast zit in verband met zijn uitzetting naar een ander land, tot de sluiting van een woning vanwege drugs die in de woning zijn gevonden. De zaken waarin ik mag beslissen zijn heel divers, dat maakt het bestuursrecht erg leuk om te doen.
Wat is het mooiste aspect van het rechtspreken?
‘Als bestuursrechter mag ik in individuele gevallen recht spreken, zonder dat ik beperkt word door de belangen van één partij. Dat voelt heel vrij. Ook vind ik het fijn dat ik veel verschillende soorten zaken mag doen en veel verschillende soorten mensen ontmoet. Hoewel sommige zaken op elkaar lijken, is ieder mens anders en zit achter elke zaak een eigen verhaal. Ik luister graag naar die verhalen. Ik vind het belangrijk dat mensen zich gehoord voelen en dat ze – ook al krijgen ze geen gelijk – wel snappen waarom ik een bepaalde beslissing neem, waarmee een lopend geschil een einde krijgt. Dat ik daaraan een bijdrage mag leveren, vind ik een grote eer.’
Welke zaak vergeet je nooit?
‘Er zijn veel zaken die ik niet snel zal vergeten, waaronder zeker ook de eerste strafzaak tijdens mijn rio-opleiding. In het verdachtenbankje zat een man, die een motorrijder over het hoofd had gezien en zo een dodelijk verkeersongeval had veroorzaakt. De emoties die dit bij zowel de nabestaanden als (de familie van) de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. zelf opriep, maakten indruk op mij. Sindsdien kijk ik vaak nog een extra keer in de spiegels, om echt zeker te weten dat ik alles heb gezien.’