Raadsheer Diederik Thierry
Bijna 2.700 rechters buigen zich dagelijks over misdrijven, echtscheidingen, zakelijke conflicten, burenruzies, omstreden overheidsbesluiten en nog veel meer. Wie zijn zij, wat maken ze mee en hoe zien ze hun taak? Vandaag: Diederik Thierry, raadsheerRechter bij het gerechtshof of de Hoge Raad. Ook een vrouwelijke raadsheer wordt raadsheer genoemd, want met een raadsvrouw/raadsman wordt een advocaat bedoeld. bij het gerechtshofGerecht dat zaken in hoger beroep behandelt. Nederland kent vier gerechtshoven. Den Haag, afdeling strafrecht.

‘Ik ben Diederik Thierry en werk als raadsheer bij de afdeling strafrecht van het hof in Den Haag. Ik ben rechter sinds 2005 en heb lang civiele zaken behandeld in Den Haag en op Sint Maarten. Nu houd ik mij vooral bezig met internationale misdrijven, een Haags specialisme. Denk aan terrorismezaken, met name uit Syrië. Maar ook aan terugkeerders, of mensen die in Nederland hebben geprobeerd een aanslag te plegen. Naast terrorisme heb je dan ook internationale misdrijven, dat zijn bijvoorbeeld oorlogsmisdrijven gepleegd in Rwanda in het verleden.’
Waarom ben je ooit rechter geworden?
‘Omdat ik het oplossen van een casus leuk vind. Eigenlijk vind ik het recht alleen leuk als er een concrete zaak voorligt. Met feiten die een echte concrete zaak vormen en niet een theoretische mogelijkheid die zich kan voordoen. En natuurlijk zittingen waar de mensen achter de casus zelf zichtbaar worden. Hen te zien, vragen te stellen en te horen wat hun motivatie is.’
Welke zaak zal je nooit vergeten?
‘Ik denk niet echt één, maar wel een soort zaken. Mensen die in een psychose terechtkomen en strafbare feiten plegen. Niet bewust hebben gekozen voor criminaliteit, maar wel moeten dealen met de gevolgen. En dat iemand die psychotisch is vaak nog bepaalde afwegingen kan maken. Natuurlijk blijft vooral bij wat de slachtoffers en nabestaanden is overkomen. Maar ook de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. die, door een aantal dingen die fout gaan in het leven, compleet ontregeld raakt. Dat lijkt iets dat iedereen kan overkomen.

Als die verdachten bij ons in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. komen is er vaak wat tijd verstreken. Dat betekent dat sommige verdachten die psychotisch delicten hebben gepleegd vaak alweer een beetje tot rust zijn gekomen, door een behandeling bijvoorbeeld in een psychiatrisch centrum. En al meer kunnen terugkijken op wat er gebeurd is, meer besef hebben. En daardoor kun je op zitting ook vaker een beter gesprek voeren met een verdachte die vaak dan ook medicatie toegediend heeft gekregen en zelf beter kan reflecteren op wat er gebeurd is.’
Wat is het mooiste aspect van het recht spreken?
In het strafrecht is het zo: ook al heb je geen gelijk gekregen, kun je wel begrijpen waarom je dat niet gekregen hebt. Dus dat je gehoord bent, dat je zaak heel goed behandeld is en dat je de tijd hebt gekregen om je voor te bereiden, je woord te doen. Dat je gelegenheid hebt gekregen het goed uit te leggen. Dat vind ik heel belangrijk. Als dat lukt ben ik daar heel tevreden over.
Dat het niet helemaal lukt is niet altijd vanzelfsprekend. Slachtoffers vinden een straf vaak te laag, verdachten vaak te hoog. Ik heb niet de illusie dat iedereen denkt dat het wel prima is. Toen ik nog civiele zaken deed zeiden we wel eens: bij een goede schikkingTussentijdse overeenkomst tussen partijen waarmee het conflict is opgelost voordat de civiele of bestuursrechter een uitspraak heeft gedaan. hebben beide partijen buikpijn. Dus, dat iedereen denkt: ik ben blij dat ik van dat geschil af ben. Ik moest wat toegeven, maar dit is de beste oplossing. Maar daar sluit je dan een deal. Dat is in het strafrecht meestal niet het geval.