Het hof heeft lange gevangenisstraffen opgelegd. Verdachten hebben een nietsontziende brand gesticht, waarbij alle gevolgen voor lief zijn genomen. De chauffeur heeft de brand ternauwernood overleefd en heeft zeer ernstig en blijvend letsel opgelopen en is voor de rest van zijn leven aangewezen op intensieve verzorging en hulpmiddelen. Zijn leven is verwoest. De brand heeft ook grote gevolgen voor zijn naasten die geconfronteerd werden met zijn grotendeels verbrande lichaam en die samen met hun dierbare tot de dag van vandaag moeten omgaan met de nieuwe situatie en moeten leven met het mentale en fysieke leed van hun dierbare.
De opdrachtgever krijgt met een gevangenisstraf van 13 jaar de hoogste straf. Zijn rol als uitlokker is minstens zo kwalijk als die van de anderen. Hij spande anderen voor het karretje om zo zelf buiten schot te blijven.
De twee uitvoerders krijgen een gevangenisstraf van 10 en 11 jaar. Bij een van de uitvoerders heeft het hof in strafmatigende zin rekening gehouden met verminderde toerekeningsvatbaarheid.
De tussenpersoon die de twee uitvoerders van de brandstichting heeft benaderd, krijgt een gevangenisstraf van 11 jaar. De tussenpersoon moet naast de opgelegde straf nog 342 dagen uitzitten van een straf die hem in 2012 in het Verenigd Koninkrijk is opgelegd voor een drugsdelict.
Bij alle opgelegde straffen heeft het hof rekening gehouden met de lange duur van de procedure in hoger beroep.