De rechtbank oordeelt dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan vijf ernstige, hinderlijke en schade toebrengende strafbare feiten. De slachtoffers hebben verklaard daarvan nog steeds pijnklachten en psychische klachten van te ondervinden. De verdachte heeft zich niet om zijn slachtoffers bekommerd; hij is na iedere confrontatie doorgereden.
Een psycholoog heeft onderzoek naar de verdachte gedaan en concludeert dat de verdachte lijdt aan een psychotrauma-of stressgerelateerde stoornis en een stoornis in het gebruik van lachgas. Ook heeft hij een licht verstandelijke beperking.
De rechtbank vindt een celstraf van 195 dagen passend en geboden, waarvan 150 dagen voorwaardelijk. Aan het voorwaardelijke deel legt de rechtbank diverse voorwaarden op die hem ervan moeten weerhouden opnieuw de fout in te gaan. Zo moet hij zich laten behandelen door een zorgverlener. Daarnaast legt de rechtbank een taakstraf op van 150 uur en krijgt hij een rijontzegging van 18 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk.