Arnhemmers krijgen celstraf voor openlijke geweldpleging en diefstal

Op 3 november 2018 kregen de mannen ruzie met het slachtoffer. Zij gaven het slachtoffer meerdere klappen in zijn gezicht en lichaam en schopten hem tegen zijn lichaam. Het slachtoffer liep daarbij letsel op. Vervolgens ging het duo er met het tasje van het slachtoffer vandoor.
Geen diefstal met geweld
Volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is geen sprake van diefstal met geweld. Voor een bewezenverklaring daarvoor is noodzakelijk dat het geweld is gepleegd met het oogmerk om de diefstal van het tasje voor te bereiden, gemakkelijk te maken of de vlucht na de diefstal mogelijk te maken. Het is niet voldoende dat er geweld is gebruikt en iets is gestolen. Er moet een vergaand verband bestaan tussen de diefstal en het geweld, het geweld moet in dienst staan van de diefstal. De focus ligt in deze zaak niet op het elders staande tasje. Dat het tasje uiteindelijk wel wordt meegenomen, kwalificeert de rechtbank dan ook als het gebruik maken van de gelegenheid en niet als het plegen van geweld met het oogmerk om de diefstal voor te bereiden of gemakkelijk te maken.
Volgens de rechtbank is sprake van openlijke geweldpleging en diefstal in vereniging gepleegd.
Gevangenisstraf
De rechtbank vindt dat gezien het geweld en het letsel bij het slachtoffer uitsluitend nog een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend is. Bij de bepaling van de hoogte van de gevangenisstraf houdt de rechtbank rekening met het reclasseringsrapport en het feit dat de 35-jarige man al een strafbladVermelding in het strafregister dat aantekeningen bevat over de keren dat iemand in het verleden verdacht werd van strafbare feiten (met name misdrijven) en over de afloop daarvan (sepot, vrijspraak, veroordeling). heeft.