Zutphen|

Celstraffen voor plofkraak Didam

De rechtbank veroordeelt een 24-jarige Amsterdammer en een 25-jarige man uit Den Haag voor het plegen van een plofkraak in Didam. Beide mannen krijgen een celstraf van 4 jaar, waarvan 1 jaar voorwaardelijk, opgelegd.

In de nacht van 7 januari 2018 lieten de mannen een geldautomaat van de ING in een pand van Albert Heijn ontploffen, terwijl er op dat moment mensen boven het pand sliepen. De mannen gingen er vervolgens met de buit vandoor.

Straf gelijk aan eis

De ontploffing veroorzaakte veel schade.  Bovendien konden er mensen gewond raken of erger. Hiermee rekening houdend is volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. de opgelegde straf een passende straf. Deze straf is gelijk aan de eis van de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is..

Bijzondere voorwaarden

Aan het voorwaardelijk strafdeel van 1 jaar zijn bijzondere voorwaarden verbonden. Zo hebben de mannen een meldplicht bij de reclasseringInstelling die het herintreden in de maatschappij van veroordeelden wil bevorderen. Geeft ook voorlichting aan de rechter over de persoon van de verdachte. en moeten zij een ambulante behandeling ondergaan.

Schadevergoeding

Tot slot moeten de mannen een schadevergoeding van ruim 18 duizend euro aan ING betalen.