Utrecht|

Celstraf voor dealen van cocaïne en inrijden op agent

Een 27-jarige man uit Utrecht is door de rechtbank Midden-Nederland veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar. Hij heeft zich anderhalf jaar lang schuldig gemaakt aan het dealen van cocaïne. Toen hij vorig jaar december in Utrecht werd aangehouden, reed hij in op een agent.

Poging zware mishandeling

Op de dag van de aanhouding hebben agenten in burger een pseudokoop gedaan. Toen de agenten hem klemreden en uitstapten om de man aan te houden, reed hij eerst achteruit. Vervolgens stond de agent voor de motorkap van de man en raakte de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. hem toen hij wegreed. Hiermee heeft hij zich schuldig gemaakt aan een poging tot zware mishandeling. Op basis van verklaringen en WhatsAppberichten stelt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. vast dat de man, samen met twee medeverdachten, ruim anderhalf jaar in cocaïne heeft gedeald.

Gevangenisstraf

De politieagent heeft na het delictStrafbaar feit. nog minstens twee maanden last gehad van het opgelopen letsel. Ook heeft de verdachte met zijn handelen gevoelens van angst en onveiligheid bij hem teweeg gebracht. Bij het bepalen van de straf heeft de rechtbank gekeken naar de straffen die worden opgelegd voor het dealen van harddrugs en toebrengen van lichamelijk letsel. Daarbij weegt de rechtbank ook nadrukkelijk mee hoe de verdachte handelde nadat de politie hem staande wilde houden. Ook nadat de politie met sirenes achter hem aanreed, is hij niet gestopt. Om de man ervan te weerhouden dat hij opnieuw strafbare feiten pleegt, legt de rechtbank een deels voorwaardelijke strafStraf die pas uitgevoerd wordt als de veroordeelde zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als voorwaarde geldt altijd dat de veroordeelde zich niet binnen de proeftijd opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt. De proeftijd bedraagt in de meeste gevallen maximaal drie jaar. Als bijzondere voorwaarde kan bijvoorbeeld worden opgelegd dat de veroordeelde zich op bepaalde tijdstippen meldt bij de reclassering. Als de veroordeelde de opgelegde voorwaarden niet nakomt, kan de officier van justitie bij de rechter eisen dat de voorwaardelijk opgelegde straf alsnog ten uitvoer wordt gelegd. op met bijzondere voorwaarden. Hij moet een behandeling ondergaan, krijgt een contactverbod met de medeverdachten en komt onder toezicht van de reclassering.