Jeugddetentie voor overvallen op Bruna en Aldi in Utrecht

Aldi
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. heeft bekend dat hij de overvallen op de Bruna en Aldi heeft gepleegd. Op 1 december 2019 sprak hij een medewerkster van de Aldi aan. Hij vroeg waar hij de milkshakes kon vinden. Dit deed hij puur om haar af te leiden. Zo konden twee medeverdachten zich verstoppen in het magazijn. Hij had zijn telefoon uitgeleend aan één van hen, met als doel onderling het juiste moment voor de overval te kunnen kortsluiten. Ook leverde de verdachte één van de twee nepvuurwapens waarmee de overval is gepleegd. Tijdens de overval wachtte hij in de auto van zijn broer, die hij had geleend. Toen de medeverdachten weer naar buiten kwamen, zijn ze met z’n drieën naar het huis van de broer van de verdachte gereden. Daar verdeelden ze de buit van ruim € 6.000,-.
Bruna
Een maand later, op 2 januari van dit jaar, was de verdachte opnieuw betrokken bij een gewapende overval. Dit keer op een Bruna. Toen was hij de overvaller die met een bivakmuts op en een (nep)wapen in zijn hand de overval pleegde. Hij bedreigde twee medewerkers van de winkel en dwong hen geld uit de kassa in een rugzak te stoppen. Uiteindelijk vertrok hij met bijna € 2.700,- en vluchtte hij met een medeverdachte die op een scooter stond te wachten. Ondanks dat de verdachte op zitting verklaarde dat hij sterk beïnvloed was door zijn medeverdachte, oordeelt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. dat de verdachte de grootste rol had in deze overval.
Jeugddetentie
De verdachte was tijdens het plegen van de overvallen 19 jaar oud. De officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. vroeg de rechtbank de verdachte daarom volgens het volwassenenstrafrecht te berechten en eiste een gevangenisstraf van 2 jaar, waarvan de helft voorwaardelijk. De rechtbank gaat hier niet in mee en baseert zich hierbij onder andere op een rapport van de reclassering. Daarin wordt geadviseerd, met het oog op gedragsverandering, het jeugdstrafrecht toe te passen. De rechtbank volgt dit advies en veroordeelt de verdachte tot een jeugddetentie van 16 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 2 jaar. De rechtbank is in deze zaak van oordeel dat het toepassen van het jeugdstrafrecht van belang is voor een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling van de verdachte. De verdachte moet zich ook verplicht melden bij de reclassering én hij moet zich laten behandelen. Daarnaast bepaalt de rechtbank dat hij ruim € 3.000,- schadevergoeding moet betalen aan de Bruna.