De huurder woont sinds 1991 in een sociale huurwoning van Wooncompagnie in Nieuwe Niedorp. Volgens de huurovereenkomst moet een huurder zijn hoofdverblijf in de woning hebben. Dat is volgens Wooncompagnie niet het geval, want de huurder is het grootste deel van de tijd bij zijn vriendin. Ze vinden dat hij meer dan de helft in de gehuurde woning moet verblijven omdat het anders niet zijn hoofdverblijf is.
De woningcorporatie is 33 keer bij de woning geweest in 10 maanden en trof de huurder slechts 1 keer thuis aan. Ook is zijn waterverbruik veel lager dan normaal bij een eengezinshuishouden en hebben verschillende buren gezegd dat hij er slechts af en toe komt. In een krantenartikel erkent de huurder dat hij veel bij zijn vriendin is en uit een whatsappbericht van zijn vriendin blijkt dat eraan gewerkt wordt dat de huurder bij haar komt wonen. Tijdens de zitting heeft de huurder zelf ook verklaard dat hij regelmatig bij zijn vriendin is.
De huurder brengt daar tegenin dat hij wegens ziekte vaak de deur niet open kon doen. Het overzicht van het waterverbruik zou onduidelijk zijn en er wordt mail overgelegd van buren en een vriend waaruit zou blijken dat de huurder meestal wel thuis is.