Laden...

Op de rol: ‘Gelukkig was die oudere dame bij de pinken’

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Noord-Nederland > Nieuws > Op de rol: ‘Gelukkig was die oudere dame bij de pinken’
Leeuwarden, 21 januari 2026

De oudere mevrouw in Dokkum vindt het maar een raar verhaal. Ze is net gebeld door een rechercheur. Een groep dieven houdt huis bij haar in de buurt. Ze stelen geld en juwelen. Heeft ze vannacht niets verdachts gehoord? Geen nood, er komt een politieman langs om haar sieraden en geld in bewaring te nemen. Om er zeker van te zijn dat ze haar spullen niet afgeeft aan een dief, krijgt ze een code. Als de agent dezelfde code heeft, zit het snor.

De oudere dame is niet van gisteren. Ze besluit het spel mee te spelen. Ze vertelt dat ze slecht ter been is met een rollator loopt. En ze is alleen. Een ideaal slachtoffer. 'Ik heb hier 500 euro', zegt ze ook nog. Ze legt op en belt onmiddellijk haar dochter – en de politie. En dan staat Pieter (61) nog diezelfde 14e juli van dit jaar aan de deur. Hij is van de politie, in burger. De code klopt. Komt u binnen mijnheer. Fijn dat de politie zo om haar geeft. Dat doet de politie ook – de agenten die Pieter opwachten, wel te verstaan. Pieter mag mee naar het politiebureau. Hij zit zeventien dagen vast.

Dealer

'Iemand had mij gevraagd om bij een vriendin geld en goud op te halen. Dat had hij nog tegoed van haar. Ze hadden ruzie gehad en of ik naar Dokkum wilde gaan', zegt Pieter in de Binckeszaal van het Leeuwardense gerechtsgebouw. Wie hem dat had gevraagd? 'Dat was boxer.' 'Was hij niet uw dealer?', vraagt politierechter Christine Koelman. Ja. 'Want u was zwaar verslaafd, hè?' Of Pieter 50 euro wilde verdienen. Dat wilde Pieter wel. Hij was aangekondigd als Carlos Veenstra en met de code 20, 50, 10 zou zijn vriendin weten dat het pluis was. Pieter: 'Dat was dom van mij. Ik had beter moeten weten toen die mevrouw de deur opendeed. Ze was geen jonge vrouw. Ze zei: “Kom naar binnen", en dat heb ik gedaan. Ze gaf mij haar code.' 'En dat vond u niet raar? Een vriendin van uw dealer geeft u een code en dan krijgt u van haar geld en sieraden?', vraagt rechter Koelman. 'Achteraf wel, ja.' De politierechter: 'Toen wist u eigenlijk wel dat het geen zuivere koffie was, toch?' Pieter: 'Eigenlijk wel, ja.' 

Uitsmijter

Officier van justitie Harmen de Ruijter vraagt zich af of Pieter niet al veel eerder wist dat het verzoek van zijn dealer niet in de haak was. 'Dat verhaal over een ruzie en een vriendin?' 'Nee, ik had al mijn twijfels', erkent Pieter. De officier: 'Daar kan ik me wel iets bij voorstellen. U wordt naar een vriendin gestuurd om indruk te maken, waardoor ze die spullen wel zou meegeven. Maar u ziet er niet bepaald uit als een uitsmijter.' Pieter is iel. 'Ik ben gebruikt', zegt Pieter. 'Maar u had toch wel een idee?', vraagt de officier. 'U krijgt een code mee en een valse naam. Dacht u niet: hier wordt iemand voor de gek gehouden? Want die mevrouw gaat u dat geld niet geven omdat u er zo bedreigend uitziet.' Pieter murmelt wat. 

Blij

Nadat Pieter deze zomer ruim twee weken in de cel heeft gezeten, moet hij zich sindsdien aan allerlei voorwaarden houden. Hij moet zich melden bij de reclassering, hij moet zich laten behandelen voor zijn drugsverslaving, hij moet zorgen voor een nuttige dagbesteding en hij moet meewerken aan schuldhulpverlening. 'Hoe is dat gegaan?', wil de Friese politierechter weten. 'Ik heb het goed gedaan; ik heb aan alles meegewerkt. Ik ben blij met de hulp', antwoordt Pieter. 'Misschien bent u wel blij dat u gepakt bent', oppert de rechter. Misschien wel ja, beaamt Pieter. 'Ik krijg thuisbezoek en zit in een methadonprogramma. Dat is goed.' 

Spel

De mevrouw in Dokkum liet zich niet bedotten, maar 'je houdt niet voor mogelijk hoeveel mensen in zulke oplichterspraktijken trappen', zegt de officier van justitie. 'De kranten staan er vol mee, het is een plaag – nepagenten, nepbankmedewerkers.' Pieter was een schakel in een ergerlijke oplichterspoging, en geen onbelangrijke, vindt officier De Ruijter. 'U kwam aan de deur om het geld van die mevrouw op te halen. U hebt nauw en bewust samengewerkt met de mijnheer die de oplichting had bedacht en mevrouw ook belde. Gelukkig was die oudere dame bij de pinken en speelde ze het spel mee.' Pieter verdient voor zijn rol een celstraf van 77 dagen, waarvan 17 voorwaardelijk. 'Dat betekent dat u niet meer hoeft te zitten.' Daarnaast moet Pieter zich houden aan de bijzondere voorwaarden waar hij nu ook aan is onderworpen en hij zou 60 uur moeten werken. 

Spijt

Pieter heeft een grote fout gemaakt. 'Dat erkent hij. Het spijt hem ook. Hij had het nooit moeten doen. Hij is vanaf het begin open geweest en heeft eerlijk verteld wat er is gebeurd', zegt zijn raadsvrouw Marian Rosema. Maar om nou te zeggen dat Pieter nauw en bewust heeft samengewerkt met zijn dealer? 'Mijn cliënt is niet de initiator geweest, hij was behulpzaam. Hij heeft een opdracht uitgevoerd. Dat is het enige. Hij heeft niets bedacht, hij heeft alleen aangebeld.' Daarom vindt ze de strafeis aan de 'pittige' kant. Pieter is niet eerder voor oplichting veroordeeld, de reclassering is positief over zijn inzet en hij houdt zich aan haar voorwaarden. 'Hij is ontvankelijk voor hulp en gemotiveerd. Het gaat de goede kant op met hem.' Een celstraf van 77 dagen, waarvan 17 voorwaardelijk, zou genoeg moeten zijn. 

Schakel

Pieter was niet de loopjongen die van niets wist, vindt politierechter Koelman. 'U speelde een belangrijke rol. Zonder u was het sowieso niet gelukt. U was meer dan een medeplichtige, u was een schakel, en daarmee een medepleger.' Het is goed dat Pieter een tijdje heeft vastgezeten, maar het is ook goed dat hij weer op vrije voeten is. De Friese politierechter neemt daarom de eis van de officier over: 77 dagen celstraf, waarvan 17 dagen voorwaardelijk. Pieter moet zich wel aan de bijzondere voorwaarden houden. En hij krijgt een werkstraf van 60 uur. 'Dat voorstel van de officier is niet over the top. Er moet echt afgerekend worden.' Pieter is het volmondig eens met de rechter. Hij gaat niet in beroep. 

* Dit is niet zijn echte naam.

Lees hier meer Op de Rol-verhalen. 

Uitspraken