Laden...

240 uur taakstraf en ontzegging rijbevoegdheid voor veroorzaken dodelijk ongeval in Best

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Oost-Brabant > Nieuws > 240 uur taakstraf en ontzegging rijbevoegdheid voor veroorzaken dodelijk ongeval in Best
's-Hertogenbosch, 21 juli 2016

Een 21-jarige vrouw uit Oirschot is zojuist veroordeeld tot een taakstraf van 240 uur en een ontzegging van de rijbevoegdheid voor 2 jaren. De rechtbank acht de vrouw schuldig aan het veroorzaken van een ongeval waarbij een man om het leven kwam.

De vrouw reed op 4 september 2015 in Best in haar auto over de Eindhovenseweg Zuid. Die straat is een zogenaamde fietsstraat waar automobilisten via borden worden gewaarschuwd dat fietsers de hoofdgebruikers zijn van de straat en automobilisten zich dienen te gedragen als gast.
Toen de vrouw wilde invoegen naar de hoofdrijbaan van de Eindhovenseweg Zuid verleende ze geen voorrang aan een snorfietser die haar tegemoet kwam. Als gevolg van de botsing overleed de snorfietser.
Volgens de rechtbank reed de vrouw kort voor de aanrijding veel te hard. In de fietsstraat geldt een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur, de snelheid van de vrouw bedroeg 64 kilometer per uur. De rechtbank merkt dit aan als een grove verkeersfout en oordeelt dat de vrouw zich schuldig heeft gemaakt aan zeer onvoorzichtig en onoplettend rijgedrag.

Straf

De rechtbank is zich ervan bewust dat geen enkele straf recht zal doen aan het dramatische verlies van de nabestaanden.
Bij het bepalen van de hoogte van de straf houdt de rechtbank onder meer rekening met de jeugdige leeftijd van de vrouw en met het gegeven dat ze nog dagelijks last heeft van de impact van het ongeval. De nabestaanden verwijten de vrouw dat ze geen contact met hen heeft opgenomen en ogenschijnlijk is doorgegaan met haar leven. Volgens de vrouw heeft de politie haar afgeraden contact op te nemen, maar staat zij daarvoor nog altijd open. De rechtbank kan niet beoordelen of en zo ja wanneer het voor de vrouw duidelijk geweest zou moeten zijn dat contact inmiddels wel op prijs werd gesteld. Dat de vrouw geen contact heeft opgenomen met de nabestaanden weegt de rechtbank dan ook niet mee in strafverzwarende zin.
In vergelijkbare zaken wordt alleen in uitzonderlijke omstandigheden een onvoorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd. De rechtbank oordeelt dat die omstandigheden niet door de officier van justitie zijn aangevoerd.

Uitspraken