Burgemeester mocht opnieuw gebiedsverbod opleggen aan slachtoffer liquidatiepoging

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Oost-Brabant > Nieuws > Burgemeester mocht opnieuw gebiedsverbod opleggen aan slachtoffer liquidatiepoging
's-Hertogenbosch, 26 januari 2017

Een Eindhovenaar mag tot half maart 2017 zijn woning niet in. De voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant oordeelt dat de burgemeester de man opnieuw een gebiedsverbod van 3 maanden mocht opleggen vanwege de vrees voor verstoring van de openbare orde.

Voorgeschiedenis

De man was meerdere malen slachtoffer van een liquidatiepoging. In augustus vorig jaar werd hij voor de vlakbij zijn woning, midden in een woonwijk, neergeschoten en raakte hij daarbij zwaargewond. Volgens de politie begeeft de man zich in een criminele wereld waarbij vuurwapens, drugs en geweld niet worden geschuwd. De politie rapporteerde in september aan de burgemeester dat het onderzoek naar de liquidatiepoging nog in volle gang was en dat er nog geen verdachte in beeld was. Als de man terug zou keren naar zijn woning, zou er ernstige vrees zijn voor de veiligheid van de man, mogelijke andere bewoners van de woning, omwonenden en voorbijgangers. De burgemeester legde daarom een gebiedsverbod van 3 maanden op. Voor die beslissing kon de man begrip opbrengen.
In december bracht de politie opnieuw rapport uit bij de burgemeester waarin de politie aangaf dat het strafrechtelijk onderzoek naar de liquidatiepoging tot stilstand was gekomen en de man geen openheid van zaken gaf over zijn positie en zijn rol in het criminele circuit. De politie acht het aannemelijk dat de pogingen te maken hebben met zware criminaliteit. De burgemeester besloot op basis van het politierapport een nieuw gebiedsverbod van 3 maanden op te leggen. Dit keer maakte de man daar wel bezwaar tegen en stapte hij naar de voorzieningenrechter.

Volgens de burgemeester is de dreigingssituatie onveranderd en bestaat er nog steeds ernstige vrees voor de veiligheid van de man en die van andere (buurt)bewoners en voorbijgangers. Zeker nu er in de woning nog een andere persoon is ingeschreven. De burgemeester weegt ook zwaar mee dat de man weigert deel te nemen aan een beschermingsprogramma van het Openbaar Ministerie.
De man vindt het nieuwe gebiedsverbod disproportioneel. Hij leidt nu een zwervend bestaan en moet bij vrienden en kennissen vragen om een slaapplek. Hij wordt naar eigen zeggen beperkt in zijn bewegingsvrijheid en in het recht op gezinsleven, terwijl hij juist slachtoffer was van de aanslag en die aanslag niet heeft uitgelokt. De man zegt niet aan het beschermingsprogramma van het Openbaar Ministerie mee te werken, omdat hij daaraan geen enkele bescherming kan ontlenen en hij geen inzicht wenst te geven in zijn gestelde criminele activiteiten.

Oordeel

De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester een gebiedsverbod op mag leggen, ondanks dat de man het slachtoffer is van een liquidatiepoging en hij niet zelf de openbare orde heeft verstoord. De burgemeester moet de openbare orde beschermen en in dit geval het belang van de man om in zijn woning te mogen verblijven, afwegen tegen het belang van de openbare orde en de veiligheid van buurtbewoners en voorbijgangers. De dreigingssituatie was onveranderd ten opzichte van 3 maanden daarvoor, terwijl het strafrechtelijk onderzoek naar de liquidatiepoging zonder resultaat tot stilstand was gekomen. Volgens de rechter mocht de burgemeester op basis van die informatie tot het besluit komen dat er nog altijd ernstige vrees bestaat voor verstoring van de openbare orde. Hierbij mocht de burgemeester meewegen dat de man weigert mee te werken aan het beschermingsprogramma of aan het langdurig verhuren of verkopen van zijn woning. De rechter ziet dan ook geen reden om een voorlopige voorziening toe te wijzen.

Uitspraken

Meest gelezen berichten