Laden...

Jeugddetentie en behandeling voor drievoudige poging tot moord en ontploffing in Eindhoven

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Oost-Brabant > Nieuws > Jeugddetentie en behandeling voor drievoudige poging tot moord en ontploffing in Eindhoven
's-Hertogenbosch, 20 juli 2021

De rechtbank Oost-Brabant heeft een 18-jarige jongen uit Helmond veroordeeld voor een drievoudige poging tot moord. Hij krijgt 18 maanden jeugddetentie, een voorwaardelijke PIJ-maatregel (jeugd-TBS) en moet verplicht meewerken aan behandeling voor zijn problematiek. Ook moet hij de slachtoffers een schadevergoeding betalen van in totaal ruim 160.000 euro.

De toen minderjarige verdachte maakte in juli 2020 met een andere jongen een explosief door zwaar vuurwerk aan een flesje benzine vast te maken. Ze reden vervolgens op een scooter naar de woning van iemand met wie de verdachte ruzie had. Hij gooide midden in de nacht het explosief door de ruit van de woonkamer van de woning in Eindhoven en ging er vervolgens vandoor.

De jongen met wie de verdachte ruzie had, lag op dat moment in de woonkamer op de bank. Zijn zus en moeder waren boven. Het slachtoffer wist levend uit de woning te komen, maar was voor tweederde deel van zijn lichaam verbrand. Hierdoor moest hij in coma gehouden worden. Hij zal nog lange tijd moeten revalideren. Het huis van de familie is volledig onbewoonbaar na de brandstichting.

Foto ter illustratie

De rechtbank oordeelt dat er sprake is van een drievoudige poging tot moord. De verdachte gooide op een nachtelijk tijdstip, een moment waarop de meeste mensen in hun woning liggen te slapen, een vuurwerkbom naar binnen. Hij wist dat daardoor brand zou ontstaan en de aanmerkelijke kans bestond dat de bewoners daardoor zouden overlijden. Daarbij komt dat slapende mensen doorgaans minder snel reageren op dreigend gevaar. De verdachte kwam uren voor het gooien van de bom op het idee en werkte het plan vervolgens weloverwogen – stap voor stap – uit. Hij had voldoende tijd en gelegenheid zich te beraden of te bedenken. De rechtbank oordeelt dan ook dat sprake is van voorbedachte raad.

Kil en meedogenloos

Het is een wonder dat er geen dodelijke slachtoffers zijn gevallen bij deze brand. Dit is met name te danken aan spoedig gealarmeerde en ter plaatse aanwezige hulpdiensten. De verdachte toonde een kille en meedogenloze houding door de wijze waarop hij te werk ging en er vervolgens vandoor ging zonder zich rekenschap te geven van de enorme gevolgen van zijn daad voor de familie, maar ook voor de omwonenden. De rechtbank rekent dit de verdachte heel zwaar aan. Verder weegt mee dat volgens een psychiater en een psycholoog sprake is van een laagbegaafde jongen met functionele beperkingen en narcistische kenmerken. De rechtbank beschouwt hem als enigszins verminderd toerekeningsvatbaar.

Behandeling

Uit een rapport van de reclassering blijkt dat, na het aflegging van zijn verklaringen bij de politie, de persoonlijke omstandigheden van de verdachte zich positief hebben gewijzigd. Er kan redelijkerwijs worden aangenomen dat het gedrag van de verdachte zich ten goede zal keren. De verdachte beseft dat hij behandeling nodig heeft. De rechtbank is zich ervan bewust dat een langdurige vrijheidsbeneming mogelijk zal leiden tot een verdere verslechtering van de maatschappelijke perspectieven van de verdachte. Maar gelet op het meedogenloze gemak waarmee hij kennelijk de aanslag pleegde en daarbij verschillende mensen in levensgevaar bracht, kent de rechtbank in dit geval meer gewicht toe aan het beveiligen van de maatschappij tegen deze verdachte dan aan de leeftijd van de jongen en zijn perspectieven.

De rechtbank vindt 18 maanden jeugddetentie (2 jaar is het maximum) op zijn plaats. Daarnaast krijgt hij een PIJ-maatregel (plaatsing in een inrichting voor jeugdigen) opgelegd. Deze plaatsing is geheel voorwaardelijk, zodat de verdachte in dat voorwaardelijke kader kan werken aan zijn persoonlijke problematiek. Hij moet onder meer meewerken aan een klinische behandeling van de GGzE en aan het verkrijgen en behouden van een zinvolle dagbesteding.

Tot slot moet hij de slachtoffers schadevergoedingen betalen: 103.435,49 euro (jongen), 35.405,36 euro (moeder) en 25.217,60 euro (zus).

Uitspraak