'LSD-terrorist' veroordeeld voor poging tot afpersing van supermarkten

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Oost-Brabant > Nieuws > 'LSD-terrorist' veroordeeld voor poging tot afpersing van supermarkten
's-Hertogenbosch, 17 april 2019

De rechtbank Oost-Brabant heeft een 32-jarige man uit Arnhem veroordeeld tot een taakstraf van 180 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 4 maanden. Hij dreigde bij 2 supermarktketens drugs op producten aan te brengen als hij geen grote hoeveelheden bitcoins zou krijgen.

De verdachte stuurde in november 2016 via de website van een supermarktketen een bericht dat hij 250.000 euro aan bitcoins wilde hebben. Hij stelde een ultimatum: als hij dit bedrag niet voor een bepaalde tijd op zijn rekening had staan, zou hij pure LSD op producten in de winkels van de supermarktketen aanbrengen. Later die maand stuurde hij een bericht dat zijn eis was verhoogd naar 1 miljoen euro.
In diezelfde periode stuurde hij ook een andere supermarktketen een bericht dat hij 250.000 euro aan bitcoins wilde hebben. Ook hier dreigde hij dat hij LSD op hun producten zou aanbrengen als ze dit bedrag niet voor 15 december hadden betaald. Dit keer gaf de verdachte bovendien aan dat hij op producten voor kinderen drugs zou aanbrengen. De man ondertekende zijn dreigement met ‘de LSD-terrorist’.

Positieve ontwikkelingen

De verdachte maakte zich schuldig aan meerdere pogingen tot afpersing puur voor financieel gewin. De rechtbank vindt dit een bijzonder ernstig delict en zou daarvoor normaal gesproken een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op z’n plaats vinden. In dit geval zijn er volgens de rechtbank echter omstandigheden die maken dat in strafmatigende zin van dit uitgangspunt moet worden afgeweken.
Een psycholoog stelt dat er bij de verdachte sprake is van een borderline persoonlijkheidsstoornis en daarom beschouwt de rechtbank hem als verminderd toerekeningsvatbaar. Verder blijkt uit een rapport van de reclassering dat de verdachte zich sinds zijn schorsing uit de voorlopige hechtenis in februari 2017 coöperatief opstelde en zijn afspraken goed nakwam. Hij rondde een behandeling bij een forensische polikliniek positief af en neemt sindsdien zijn medicijnen trouw in. Daarnaast woont de verdachte inmiddels samen met zijn vriendin en zette hij een eigen bedrijf op. Ook krijgt hij nog altijd woonbegeleiding van een zorginstelling.
Tot slot weegt de rechtbank bij het bepalen van de straf mee dat het onwenselijk en onnodig lang duurde voordat de zaak aan de rechter werd voorgelegd. Dit trok een wissel op de verdachte. Al met al vindt de rechtbank een taakstraf van 180 uur op zijn plaats. Daarnaast legt de rechtbank hem een voorwaardelijke celstraf op van 4 maanden ’als stok achter de deur’. Vanwege de positieve ontwikkelingen in het leven van de verdachte in de afgelopen jaren, ziet de rechtbank net als de reclassering geen meerwaarde in het opleggen van bijzondere voorwaarden.

Uitspraak

Meest gelezen berichten