Man veroordeeld voor stiekem fotograferen vrouwen in kleedkamer sportschool
De verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. maakte in december 2015 en januari 2016 stiekem foto’s van de vrouwen (tussen de 18 en 49 jaar) terwijl zij zich aan het omkleden waren in de kleedkamer van een sportschool in Mill. Hij stuurde een aantal van deze foto’s vervolgens via WhatsApp naar een vriend.

Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. er rekening mee dat de verdachte een gebrek aan respect toonde voor de privacy van de vrouwen. Zij mochten zich in de kleedkamer veilig en onbespied wanen. De man veroorzaakte, zoals blijkt uit de aangiftes, gevoelens van schaamte en onveiligheid bij de slachtoffers. Ook verklaarden zij angstig en bezorgd te zijn, omdat zij niet weten of en onder welke omstandigheden de foto’s in de toekomst op het internet verschijnen.
Berechting als minderjarige
De rechtbank ziet in de persoonlijke omstandigheden van de verdachte aanleiding hem als minderjarige te berechten. Volgens een rapport van de reclasseringInstelling die het herintreden in de maatschappij van veroordeelden wil bevorderen. Geeft ook voorlichting aan de rechter over de persoon van de verdachte. is sprake van een sociaal emotionele achterstand en een belaste voorgeschiedenis. Hij is in zijn jeugd onder toezicht gesteld, uit huis geplaatst en hij verbleef in pleeggezinnen. Bovendien was hij 18 jaar toen hij de delicten pleegde. De verdachte wordt begeleid door de reclassering vanwege een eerdere veroordeling en volgt inmiddels een behandeling voor zijn problematiek bij zorginstelling GGZ. De rechtbank acht het van belang dat hij deze behandeling kan voortzetten.
Verder weegt de rechtbank mee dat de verdachte de ernst van het door hem aangedane leed inziet, oprecht berouw toont en bereid is de door hem aangerichte schade te vergoeden. Volgens de reclassering zijn de persoonlijke omstandigheden van de man zo in positieve zin gewijzigd, dat kan worden aangenomen dat zijn gedrag zich ten goede zal keren. Tot slot speelt mee dat de redelijke termijn waarbinnen een zaak moet worden behandeld ruim is overschreden, omdat het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. de zaak volgens eigen zeggen “op de plank liet liggen”. Daarom krijgt de verdachte niet de door de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. geëiste werkstraf van 60 uur, maar een werkstraf van 40 uur.
Eén van de slachtoffers had een schadevergoeding gevraagd van 821,20 euro. De rechtbank bepaalt dat de verdachte dit bedrag aan haar moet betalen.