Mannen krijgen 30 maanden cel voor vernieling en brandstichting woonboerderij met cocaïnewasserij

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Oost-Brabant > Nieuws > Mannen krijgen 30 maanden cel voor vernieling en brandstichting woonboerderij met cocaïnewasserij
's-Hertogenbosch, 03 mei 2016

De rechtbank Oost-Brabant heeft 2 mannen uit Colombia (44 en 47 jaar) en een 41-jarige man uit de Dominicaanse Republiek veroordeeld tot gevangenisstraffen van 30 maanden voor vernieling en brandstichting. De mannen staken een oude woonboerderij in brand.

De politie was in september vorig jaar ter controle aanwezig bij een woonboerderij op een industrieterrein in Son en Breugel en trof een verdachte situatie aan. De agenten sommeerden de 3 mannen, die binnen waren, om zich over te geven. De mannen snelden echter naar de garage en stichtten daar een brand die snel om zich heen greep. Ook daarna reageerden ze niet op het aanroepen door de politie en verscholen ze zich in het woongedeelte van de boerderij. Pas toen de vlammen oversloegen en de hele boerderij in brand stond, klommen ze uit een raampje en konden ze worden aangehouden.
Volgens de verdachten was er geen sprake van brandstichting, maar ontstond de brand door kortsluiting. De rechtbank doet dit verhaal af als onaannemelijk, gelet op de verklaringen van aanwezige agenten en het ontstaan van de zeer felle, hevige brand bij de plek waar de verdachten waren. Volgens de rechtbank staken de mannen de garage in brand om de aanwezigheid van de cocaïnewasserij te verbergen.

Vrijspraak

De officier van justitie verdacht de mannen van voorbereidingshandelingen van een drugsdelict en brandstichting waarbij ook levensgevaar zou zijn ontstaan voor de agenten. De rechtbank oordeelt dat de mannen weliswaar wisten van de cocaïnewasserij, maar dat er onvoldoende bewijs is wat hun rol hierbij was. Ook spreekt de rechtbank de verdachten gedeeltelijk vrij van de brandstichting. Volgens de rechtbank is er wel sprake van brandstichting met gevaar voor goederen, maar is er onvoldoende bewijs dat zij levensgevaar voor de agenten hebben veroorzaakt. De agenten hebben de steekvlam waarbij de brand is ontstaan gezien en zijn vervolgens op een veilige afstand gaan staan.

Overlast en schade

Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank er rekening mee dat de mannen naar Nederland zijn gekomen met criminele intenties en ze onze maatschappij sinds hun komst alleen maar overlast en schade hebben berokkend. Branden als deze kunnen zich snel verspreiden en zijn in de regel niet makkelijk te beheersen. In dit geval is de boerderij ook volledig uitgebrand. De mannen hebben grote materiële schade veroorzaakt en hebben daarbij op geen enkel moment oog gehad voor de belangen van gemeente, eigenaar van de boerderij. Daarbij komt nog dat de brand is gesticht om de sporen van een cocaïnelaboratorium uit te wissen.

Uitspraken

Meest gelezen berichten