Celstraf voor Laura H.

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Rotterdam > Nieuws > Celstraf voor Laura H.
Rotterdam, 13 november 2017

De rechtbank in Rotterdam heeft vandaag een 22-jarige vrouw uit Zoetermeer veroordeeld tot een gevangenisstraf van 2 jaar, waarvan 13 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar. De rechtbank acht bewezen dat zij het oogmerk heeft gehad om terroristische misdrijven voor te bereiden en te bevorderen.

De vrouw moet zich de komende 3 jaar aan strenge voorwaarden houden. Ze mag niet in de buurt van de landgrenzen of op luchthavens komen en ze moet zich geregeld melden bij de reclassering. Daarnaast mag ze geen contact zoeken met strijders en personen die in het (voormalig) strijdgebied hebben verbleven. Ook moet ze meewerken aan elektronisch toezicht. Als zij deze voorwaarden overtreedt, kan de voorwaardelijke gevangenisstraf alsnog ten uitvoer worden gelegd.

Kalifaat

De verdachte is met haar man en 2 nog (zeer) jonge kinderen in september 2015 uitgereisd naar Syrië en Irak, om zich daar als gezin te vestigen in het door IS uitgeroepen kalifaat, zodat haar man zich aldaar bij IS als strijder in de jihadstrijd kon aansluiten. De verdachte heeft haar man gefaciliteerd zodat hij zich kon aansluiten bij IS. Uit de verklaringen van de verdachte blijkt dat zij vóór deze uitreis al wetenschap had van de sympathieën van haar man voor IS en zijn wens om naar Syrië te vertrekken.

Zeer gewelddadig

Strijdgroepen als IS hebben tot doel het vestigen van een islamitische staat, waarin de rechten van andersdenkenden op zeer gewelddadige wijze worden geschonden. Door deze strijdgroepen worden op grote schaal ernstige mensenrechtenschendingen begaan zoals standrechtelijke executies, moord, marteling en verminking van krijgsgevangenen en burgers.

Veel van die misdrijven worden bovendien gepleegd met het uitdrukkelijke doel de bevolking in deze gebieden vrees aan te jagen en zijn daarmee ontegenzeggelijk terroristische misdrijven. Terrorisme wordt internationaal gezien als één van de ernstigste misdrijven.

De verdachte is aan dit alles geheel voorbij gegaan en heeft totaal geen oog gehad voor het onbeschrijfelijke leed dat velen in het strijdgebied treft.

Recidivegevaar

De rechtbank oordeelt dat – ondanks dat de reclassering en deskundigen dat niet zo stellen – de kans op herhaling van het bewezenverklaarde of soortgelijke feiten, wel degelijk aanwezig is zo lang de begeleiding van de verdachte door de reclassering nog niet in al haar facetten is voltooid.

De rechtbank zal ook de aanbeveling omtrent het minderjarigenstrafrecht niet volgen. De verdachte vertoont in haar persoonlijkheid weliswaar tekortkomingen, anderzijds had en heeft zij het gedrag van een volwassene. Op jonge leeftijd startte ze een gezin, trouwde ze en vergezelde ze haar man naar Syrië en Irak, zodat hij kon deelnemen aan de strijd voor IS. Dat zijn volwassen beslissingen. De rechtbank ziet dan ook geen reden om op basis van de bevindingen van de deskundigen tot toepassing van het minderjarigenstrafrecht te komen. Daarbij is ook gekeken naar de ernst van de bewezen feiten en de jurisprudentie.

Het onvoorwaardelijke deel van de gevangenisstraf is gelijk aan de tijd die de verdachte in voorlopige hechtenis heeft doorgebracht.

Uitspraken

Meest gelezen berichten