Minister moet zich opnieuw beraden over verlenging geldigheidsduur opsporingsvergunning schaliegas

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Rotterdam > Nieuws > Minister moet zich opnieuw beraden over verlenging geldigheidsduur opsporingsvergunning schaliegas
Rotterdam, 01 december 2016

De rechtbank deed vandaag uitspraak over enkele besluiten van de minister van Economische Zaken op grond van artikel 18, derde lid, van de Mijnbouwwet. Dit artikel bepaalt onder welke voorwaarden de minister bevoegd is tot verlenging van de periode waarvoor een opsporingsvergunning is verleend.

Bij twee besluiten heeft de minister de bezwaren van vergunninghouders tegen de weigering van de  door hen gevraagde verlenging van opsporingsvergunningen voor schaliegas, ongegrond verklaard. De rechtbank heeft deze besluiten vernietigd omdat ze in strijd zijn met de Mijnbouwwet. Naar de minister heeft erkend is in deze gevallen voldaan aan de voorwaarden voor verlenging. Evenmin heeft hij problemen van financiële of uitvoeringstechnische aard opgeworpen. In die situatie geeft de Mijnbouwwet de minister geen ruimte om de verlenging om andere redenen te weigeren. De uitspraken betekenen dat de minister zich opnieuw moet beraden met inachtneming van het oordeel van de rechtbank.

Uitspraken

Meest gelezen berichten