Rotterdam|

Vrijspraak van deelname aan terroristische organisatie IS en voorbereiding terroristisch misdrijf

De rechtbank Rotterdam heeft vandaag een 38-jarige vrouw vrijgesproken van deelname aan de terroristische organisatie IS en van het plegen van voorbereidingshandelingen voor een terroristisch misdrijf. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van 5 jaar. 

Volgens het OM vertrok de vrouw eind 2013 met haar Turkse echtgenoot vanuit Turkije de Syrische grens over naar IS-gebied, terwijl zij wist dat IS een terroristische organisatie was. Bovendien zou de echtgenoot van de vrouw werkzaam zijn geweest voor IS. Door met haar echtgenoot een gezamenlijke huishouding te gaan voeren heeft zij zich feitelijk aangesloten bij IS en daarmee IS en het kalifaat getalsmatig versterkt, aldus het OM.

Onvoldoende bewijs

Anders dan het OM, komt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. tot de conclusie dat er onvoldoende bewijs is waaruit blijkt dat de vrouw heeft deelgenomen aan IS en een aandeel heeft gehad in verwezenlijking van het terroristisch oogmerk van de organisatie. Zo biedt het dossier geen enkel aanknopingspunt om aan te nemen dat de verdachte deel heeft uitgemaakt van een 'gevechtsbataljon' voor vrouwen. Evenmin bevat het dossier aanwijzingen dat de verdachte een andere (ondersteunende) functie bij IS heeft vervuld. 

Daarnaast vindt de rechtbank niet bewezen dat de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. een gezamenlijke huishouding heeft gevoerd met een IS-strijder, omdat het dossier - in tegenstelling tot sommige andere dossiers van zogenoemde 'uitreizigers' - geen concreet bewijs bevat dat haar echtgenoot bij IS heeft behoord. Wel is de verdachte ruim vijf jaar uit vrije wil in Syrië bij IS gebleven. Dat is buitengewoon verdacht, maar bewijs van deelneming aan IS levert het niet op. De rechtbank spreekt de verdachte daarom vrij.