Utrecht|

Centrale Raad van Beroep vraagt conclusie over toetsingskader in geval van verzoek om terug te komen van bestuurlijke boete

De president van de Centrale Raad van Beroep (CRvB), Takvor Avedissian, heeft een conclusie gevraagd in een zaak waarin een rechtzoekende het UWV heeft verzocht om terug te komen van een bestuurlijke boete. 

Achtergrond

Aan de rechtzoekende is een bestuurlijke boete opgelegd vanwege schending van de inlichtingenplicht uit de Toeslagenwet. Het bezwaarschrift dat tegen deze bestuurlijke boete is ingediend, is niet-ontvankelijkNiet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. verklaard en daarmee niet inhoudelijk behandeld omdat het te laat was ingediend. Tegen die beslissing is geen beroep ingesteld. De rechtzoekende heeft het UWV daarna, enkele maanden later, gevraagd om terug te komen van het boetebesluit. Dit verzoek is afgewezen omdat geen sprake zou zijn van nieuwe feiten of omstandigheden. Volgens het UWV is het boetebesluit niet evident onjuist en de handhaving ervan is ook niet evident onredelijk. 

Verzoek aan raadsheer advocaat-generaal

De presidentDe voorzitter van een rechtbank, een gerechtshof en van de Hoge Raad heet president. Ook de rechter die een zitting van een rechtbank of hof voorzit, wordt president of voorzitter genoemd. van de CRvB heeft raadsheer advocaat-generaal1. Vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie (OM) bij een gerechtshof. Zijn taak komt overeen met die van de officier van justitie bij de rechtbank. 2. Bij de Hoge Raad: adviseur van de Hoge Raad. Deze advocaat-generaal werkt niet voor het Openbaar Ministerie. mr. P.J. Wattel, gevraagd te onderzoeken hoe het criterium 'evident onredelijk' toegepast moet worden bij een verzoek om terug te komen van een bestuurlijke boete. Daarbij speelt een rol dat het bij een bestuurlijke boete gaat om strafoplegging zonder directe rechterlijke betrokkenheid. 

Verdere gang van zaken

De CRvB zal de zaak op woensdagmiddag 26 oktober 2022 op een zitting van de grote kamerOnderdeel van een rechterlijk college, zoals een strafkamer, belastingkamer, vreemdelingenkamer of militaire kamer. Zie ook: Enkelvoudige kamer en Meervoudige kamer. behandelen. De grote kamer is samengesteld uit vijf leden afkomstig uit de CRvB, de Afdeling bestuursrechtspraakRechtspraak die zich bezighoudt met geschillen over besluiten van een bestuursorgaan. De geschillen kunnen zich zowel tussen particulieren, organisaties en bestuursorganen als tussen bestuursorganen onderling afspelen. Bestuursrecht is de moderne benaming voor wat vroeger administratief recht heette. en het College van Beroep voor het bedrijfsleven. De grote kamer is vooral bedoeld om bij te dragen aan de rechtsontwikkeling en rechtseenheid tussen de hoogste bestuursrechters. Binnen zes weken na de zitting van de kamer neemt de raadsheer advocaat-generaal de conclusie. Partijen krijgen daarna twee weken de tijd om daarop te reageren. Hierna wordt uitspraak gedaan.

Belang van de rechtsontwikkeling

De conclusie van de raadsheerRechter bij het gerechtshof of de Hoge Raad. Ook een vrouwelijke raadsheer wordt raadsheer genoemd, want met een raadsvrouw/raadsman wordt een advocaat bedoeld. advocaat-generaal geeft voorlichting aan de CRvB, maar bindt de bestuursrechter niet. Met het nemen van een conclusie wordt meer dan met de rechterlijke uitspraak zelf gelegenheid geboden om een rechtsvraag te plaatsen in een breder maatschappelijke en juridische context. Zo draagt de conclusie bij aan de rechtseenheid en rechtsontwikkeling.