Nieuws Centrale Raad van Beroep
Vrachtwagenchauffeur veroordeeld voor verkeersfout dodelijk ongeluk Oploo
's-Hertogenbosch, 28-03-2017Een 70-jarige man uit Helmond veroorzaakte met zijn vrachtwagen een dodelijk verkeersongeval in Oploo. De rechtbank Oost-Brabant legt hem een maximale taakstraf op van 240 uur en een rijontzegging van een jaar.
Bewindvoerder is verantwoordelijk voor verantwoording van een persoonsgebonden budget
Utrecht, 24-03-2017De Centrale Raad van Beroep oordeelt in zijn uitspraak van 22 maart 2017 dat het aan appellante verleende persoonsgebonden budget (pgb) een aan haar toebehorend vermogensbestanddeel is dat onder het ingestelde bewind valt. Het beheren ervan behoort tot de taak van de bewindvoerder. Het stond de bewindvoerder van appellante daarom niet vrij om het beheer van het pgb geheel aan appellante over te laten.
Gewekte verwachtingen door toezeggingen, beroep op het vertrouwensbeginsel slaagt
Utrecht, 22-03-2017De Centrale Raad van Beroep oordeelt in zijn uitspraak van 16 maart 2017 dat tegenover de belangen van appellanten de door de minister naar voren gebrachte belangen van onvoldoende gewicht zijn.
Gevangenisstraffen tot zes jaar voor online handel in drugs en witwassen
Haarlem, 10-03-2017De rechtbank heeft in het onderzoek Lancashire vier verdachten veroordeeld. Het ging bij drie verdachten om handel in en bij twee (De V en P) ook nog om uitvoer van drugs: amfetamine, Xtc-pillen en Lsd gedurende een lange periode. Er werd gehandeld onder diverse accountnamen via darknet markets, wereldwijde marktplaatsen op het internet. Er werd betaald in bitcoins. Deze werden omgezet in euro’s, waarmee de criminele herkomst werd verhuld. Daarom worden de verdachten ook veroordeeld voor gewoontewitwassen, van het geld én van de aangeschafte horloges en auto’s. De partner van verdachte De V. is alleen veroordeeld voor schuldwitwassen.
Weigering pgb onterecht als uitwonend kind geen mantelzorg wil bieden
Utrecht, 12-01-2017De Centrale Raad van Beroep heeft op 11 januari 2017 geoordeeld dat de gemeente Etten-Leur het persoonsgebonden budget (pgb) van betrokkene ten onrechte had beëindigd omdat van haar uitwonende dochter mocht worden verwacht dat zij als mantelzorger haar moeder zou helpen bij het huishouden. De gemeente mag van de dochter niet eisen dat zij de huishoudelijke hulp onbetaald verricht. Ook mag de gemeente bij de vaststelling van het recht op een voorziening er niet vanuit gaan dat de dochter de zorg onbetaald zal willen leveren.
