Den Haag|

Intrekking vergunning trustkantoor terecht

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) oordeelt vandaag in hoger beroep dat de  intrekking van de vergunning van een trustkantoor door De Nederlandsche Bank (DNB)  in stand blijft. De rechtbank Rotterdam kwam eerder tot hetzelfde oordeel.

DNB heeft de vergunning ingetrokken omdat getwijfeld wordt aan de betrouwbaarheid van de enige bestuurder. Tijdens een inval door de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) werd de bestuurder aangehouden en werd de (cliënten)administratie in beslagInbeslagneming van voorwerpen waarmee strafbare feiten zijn gepleegd, bijvoorbeeld omdat ze nodig zijn voor het bewijs of omdat ze gevaarlijk zijn (drugs, wapens), of om de criminele winsten af te romen (geld, auto’s, huizen, jachten). Dit beslag geschiedt in opdracht van de officier van justitie. genomen. De bestuurder wordt verdacht van enkele strafbare feiten (onjuiste belastingaangifte, valsheid in geschrifte, mensensmokkel, witwassen en oplichting). 

Volgens het CBb mocht DNB bij haar betrouwbaarheidsoordeel gebruik maken van informatie van het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. en de Belastingdienst. Omdat sprake is van een serieuze verdenking, hoefde DNB het oordeel van de strafrechter niet af te wachten. Ook was geen definitief oordeel van de rechter over een belastingaanslag nodig.



Het CBb is het eens met DNB dat het trustkantoor niet blijft voldoen aan de verplichtingen van de Wet toezicht trustkantoren (Wtt), zoals het niet nemen van adequate risicomaatregelen. DNB mocht de vergunning meteen intrekken zonder eerst een aanwijzing1. Voorschrift hoe het Openbaar Ministerie zijn taak moet vervullen. Er is bijvoorbeeld een aanwijzing over de rol van een officier van justitie bij risicowedstrijden in het betaald voetbal. 2. Officieel bevel van de minister van Justitie aan het Openbaar Ministerie om een zaak op een bepaalde manier af te handelen. te geven of een andere maatregel te treffen. Dat het trustkantoor alsnog zou voldoen aan de vereisten van de Wtt was niet realistisch meer, zodat een minder zware maatregel dan directe intrekking niet voor de hand ligt.

Deze uitspraak is definitief, het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) is de eindrechter in deze zaak. De volledige uitspraak is via onderstaande link te raadplegen. Bij verschil tussen dit persbericht en de volledige uitspraak is laatstgenoemde beslissend.

Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met:
Celeste de Wit, afdeling persvoorlichting, tel. 06 228 12976 of 088 362 3910.