Laatst gewijzigd op:

Minister LVVN moet kijken of huis- en hobbydierenlijst kan worden uitgebreid

Den Haag|
De zogenaamde huis- en hobbydierenlijst blijft in stand. Wel moet de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur bekijken of enkele diersoorten alsnog op de huis- en hobbydierenlijst moeten komen. Dat heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) vandaag in vier uitspraken geoordeeld.

Per 1 juli 2024 heeft de minister een nieuwe huis- en hobbydierenlijst vastgesteld. Op deze lijst staan de zoogdieren die iedereen als huisdier mag houden. Vergeleken met eerdere lijsten mogen er veel minder dieren als huisdier worden gehouden. Voor diersoorten die niet op de lijst zijn geplaatst, geldt volgens de minister dat het houden ervan een risico kan zijn voor het dierenwelzijn of voor de mens. Op de lijst staan 30 diersoorten. 294 diersoorten die ook zijn beoordeeld, zijn niet op de lijst geplaatst en mogen niet als huisdier worden gehouden.

Meerdere belanghebbenden, waaronder een Organisatie die opkomt voor de belangen van een groep mensen, bedrijven of instellingen. van de huisdierenbranche en de Stichting Platform Verantwoord Huisdierenbezit, hebben tegen de vaststelling van de nieuwe huis- en hobbydierenlijst beroep ingesteld. Zij zijn het niet eens met de wijze waarop de lijst tot stand is gekomen. Ook vinden zij dat bepaalde diersoorten die nu niet of niet meer mogen worden gehouden, op de lijst moeten worden geplaatst.

Het CBb vindt dat de minister de lijst op een zorgvuldige manier heeft gemaakt. De minister heeft zich door twee adviescommissies laten adviseren. De bezwaren over de onafhankelijkheid en deskundigheid van deze commissies verwerpt het CBb. Ook vindt het CBb dat de systematiek die de commissies hebben gebruikt, wetenschappelijk verantwoord is en juist is toegepast.

Het uitgangspunt van de minister dat een diersoort alleen op de lijst kan worden geplaatst als het dier door iedereen kan worden gehouden en het dierenwelzijn van het dier is gewaarborgd, is aanvaardbaar. Ook is de wijze van beoordelen door de minister in overeenstemming met de eisen van het Europees recht, waaronder het voorzorgsbeginsel.

Wel vindt het CBb dat de minister voor een paar diersoorten niet voldoende heeft onderbouwd dat zij niet op de lijst kunnen worden geplaatst. Populaire huisdieren zoals honden en katten zijn op de huis- en hobbydierenlijst geplaatst omdat zij gedomesticeerd zijn. Dat wil zeggen dat de diersoorten zijn gewend en aangepast aan het leven met de mens. De minister hanteert strikte criteria om te bepalen of een diersoort als gedomesticeerd geldt.

Het CBb vindt dat de minister bij enkele diersoorten die niet voldoen aan deze criteria, moet bekijken of ze toch als huis- of hobbydier kunnen worden gehouden. Hierbij kan worden meegewogen dat er een bekende manier is om deze dieren te houden en dat de gezondheidsrisico’s voor de mens, maatschappelijk aanvaardbaar zijn, omdat de dieren al lang door de mens worden gehouden.

Het gaat dan om de volgende diersoorten: de jak, de chinchilla, de Russische dwerghamster,  het witstaartstekelvarken en de dromedaris. Andere dieren, waaronder muizensoorten, heeft de minister terecht niet op de lijst geplaatst. Deze dieren komen in het wild voor en kunnen gevaarlijk zijn omdat zij ziektes op mensen kunnen overbrengen.

Deze uitspraak betekent dat de huis- en hobbydierenlijst in ieder geval geldig is voor de diersoorten die er op staan. De minister moet nu alleen nog beoordelen of de genoemde diersoorten aan de lijst moeten worden toegevoegd, zodat zij ook als huisdier gehouden mogen worden.
   

Meer informatie

Deze uitspraken zijn definitief, het College van Beroep voor het bedrijfsleven is de eindrechter in deze zaken. De volledige uitspraken zijn via bovenstaande linkjes te raadplegen. Bij verschil tussen dit persbericht en de volledige uitspraken zijn laatstgenoemden beslissend.

Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met: Celeste de Wit tel. 06 22812976 of met Amy Egbers tel. 06 21225575, afdeling persvoorlichting.