Den Haag|

Regeling maximumprijzen voor geneesmiddelen houdt stand

Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft vandaag geoordeeld dat de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport de maximumprijzen voor generieke geneesmiddelen per 1 oktober 2024 en 1 april 2025 mocht vaststellen. De beleidskeuzes die daaraan ten grondslag liggen, passen binnen de ruimte van de wet. Het CBb verklaart de beroepen van vier geneesmiddelenleveranciers ongegrond.

De minister stelt elk half jaar maximumprijzen vast (herijking) voor onder meer generieke geneesmiddelen. Dat zijn geneesmiddelen waarop geen exclusieve rechten meer rusten en die daarom door alle leveranciers aangeboden mogen worden. Vier leveranciers van zulke generieke geneesmiddelen vinden dat de maximumprijzen in de Regeling van de minister te laag zijn vastgesteld. 

Volgens de leveranciers zijn de maximumprijzen in strijd met het doel van de Wet geneesmiddelenprijzen en met Europees recht. Door de lage maximumprijzen komt de beschikbaarheid van generieke geneesmiddelen in gevaar. Het CBb volgt deze argumenten niet. De maximumprijzen dienen het wettelijk doel van het beheersen van de zorgkosten. Beschikbaarheidsproblemen gaat de minister tegen met een combinatie van maatregelen die de negatieve gevolgen van de maximumprijzen voor de leveranciers afzwakken. Met de beleidskeuzes blijft de minister binnen de ruimte van de wet. Het doel om de kosten te beheersen is ook door het Hof van JustitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht. van de Europese Unie aanvaard als reden om de prijzen te beheersen. De leveranciers hebben niet onderbouwd dat de herijking en de daarbij vastgestelde maximumprijzen in het algemeen ertoe leiden dat de generieke geneesmiddelen niet meer met redelijke winst afgezet kunnen worden in Nederland. Als de leveranciers de maximumprijzen voor hun specifieke geneesmiddelen willen aanvechten, is daarvoor een afzonderlijke procedure in de Wet geneesmiddelenprijzen. 
 

Meer informatie
Deze uitspraken zijn definitief, het College van Beroep voor het bedrijfsleven is de eindrechter in deze zaken. De volledige uitspraken zijn via bovenstaande linkjes te raadplegen. Bij verschil tussen dit persbericht en de volledige uitspraken zijn laatstgenoemden beslissend.

Voor nadere informatie kunt u contact opnemen met: Celeste de Wit, afdeling persvoorlichting, tel. 06 22812976 of met de Administratie van het CBb tel. 088 3623910.