15 jaar gevangenisstraf voor poging tot doodslag en de beschieting van het gerechtsgebouw
Beschieting van gerechtsgebouw
Het hof acht bewezen dat M. op 21 september 2011 een antitankbrisantgranaatraket heeft afgeschoten op het gerechtsgebouw aan de Parnassusweg. De raket is ingeslagen in een muur van toren E van het gerechtsgebouw en heeft een ontploffing veroorzaakt. Als gevolg daarvan is schade aan het gerechtsgebouw ontstaan. Het hof acht niet bewezen dat daarnaast ook sprake was van levensgevaar voor personen of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel, nu er op het moment van de inslag, ’s nachts omstreeks 02.30 uur, geen mensen aanwezig waren in toren E.
T. is vrijgesproken van het medeplegen van de beschieting. Zijn rol was te gering om ook hem als dader(Mede)pleger van een strafbaar feit of degene die het feit heeft uitgelokt. van de beschieting aan te merken.
Schietpartij in de Pijp
Verder zijn M. en T. op 4 december 2011 betrokken geweest bij een vechtpartij tijdens het uitgaan in de Pijp. Toen het slachtoffer tenslotte weerloos op de grond lag, heeft M. een vuurwapen getrokken en hem van dichtbij in zijn bovenlichaam geschoten. Het slachtoffer, dat destijds 17 jaar oud was, heeft het ternauwernood overleefd.
Strafmaximum
Mede gelet op andere opgelegde gevangenisstraffen kon aan M. voor deze feiten een gevangenisstraf van maximaal 15 jaar worden opgelegd. Het hof vindt deze straf zonder meer passend gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn begaan. Met name de poging tot doodslagHet iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord., die volgens het hof doet denken aan een koelbloedige executie, wordt M. zwaar aangerekend. Daarbij komt dat M. van enig inzicht over de ernst van het feit of spijt jegens het slachtoffer geen blijk heeft gegeven.
De opgelegde straf is conform de eisStrafrecht: Straf die de verdachte volgens de officier van justitie zou moeten krijgen. Civiel recht: wat iemand in een rechtszaak eist van de tegenpartij. van het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten..
Vrijspraak voorbereiding liquidatie
In het deelonderzoek Lampion heeft het hof York M. en zijn medeverdachte Jair W. vrijgesproken van de voorbereiding van een liquidatie. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. had de verdachten hier ook van vrijgesproken. Het Openbaar Ministerie was daartegen in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. gegaan en had in hoger beroep voor beiden een gevangenisstraf van 9 jaar geëist.
Wel zijn M. en W. veroordeeld wegens het voorhanden van een doorgeladen vuurwapen en munitie. Aan M. is in deze zaak een gevangenisstraf voor de duur van 10 maanden opgelegd, waarbij rekening is gehouden met het feit dat de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. eerder was veroordeeld tot gevangenisstraffen wegens het bezit van vuurwapens en munitie. W. is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 6 maanden.