Amsterdam|

40 maanden cel en schadevergoeding voor verkrachting minderjarig meisje

Een 33-jarige man is ook in hoger beroep schuldig bevonden aan de verkrachting van een minderjarig meisje in een asielzoekerscentrum. Het vonnis van de rechtbank Noord-Holland blijft in stand. Dat heeft het gerechtshof Amsterdam vandaag bepaald. De rechtbank veroordeelde de man 8 maanden geleden tot een gevangenisstraf van 40 maanden en verplichtte hem daarnaast om ruim € 5.000 schadevergoeding aan het slachtoffer te betalen. Hiertegen stelde de verdachte hoger beroep in. Bij het hof bepleitte hij zijn onschuld. Dit bracht het hof echter niet tot een andere conclusie dan de rechtbank.

Ernstig misdrijf

Het hof vindt de opgelegde straf terecht, omdat het om een ernstig misdrijfZwaar strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel in eerste aanleg berecht door de kantonrechter, misdrijven door de afdeling strafrecht van de rechtbank. gaat waaraan fysiek geweld en intimidatie te pas zijn gekomen. Daarnaast was het slachtoffer, als minderjarige asielzoekster in een voor haar vreemd land, een kwetsbaar meisje en vond de verkrachting plaats op een plek waar zij zich veilig moest kunnen voelen. In het nadeel van de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. woog mee dat hij nog altijd niet stilstaat bij wat hij het slachtoffer heeft aangedaan. Dat de gevangenisstraf van 40 maanden gevolgen kan hebben voor de verblijfsstatus van de verdachte, die zelf ook asielzoeker is, is geen reden om een lagere straf op te leggen, zo vindt het hof.